Alcoholwet

Inhoud

Artikel 35

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 31-12-2017.
  1. De burgemeester kan ten aanzien van het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank op aanvraag ontheffing verlenen van het in artikel 3 voor de uitoefening van het horecabedrijf gestelde verbod, bij een in de beschikking aangewezen bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen, mits de verstrekking geschiedt onder onmiddellijke leiding van een persoon die:

    1. de leeftijd van eenentwintig jaar heeft bereikt;

    2. niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is.

    De naam van deze persoon staat op de ontheffing vermeld.

  2. Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend; aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.

  3. Ten aanzien van een ontheffing is artikel 31, eerste lid, onder a en c, van overeenkomstige toepassing.

  4. De ontheffing, of een afschrift daarvan, is ter plaatse aanwezig.

  5. Een burgemeester kan naar aanleiding van een aanvraag voor ontheffingen als bedoeld in dit artikel, voor jaarlijks terugkerende identieke bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard, besluiten één ontheffing te verlenen, mits de verstrekking van zwak-alcoholhoudende drank telkenmale geschiedt onder onmiddellijke leiding van dezelfde persoon.

  6. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag om een ontheffing als bedoeld in dit artikel.

12-02-2025 Huidig 01-01-2025 Historisch 01-04-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 05-10-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 15-08-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch 31-12-2017 Historisch 01-01-2015 Historisch 15-02-2014 Historisch 01-01-2014 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-01-2012 Historisch 14-07-2010 Historisch 01-07-2009 Historisch 14-09-2005 Historisch 31-07-2005 Historisch 01-07-2005 Historisch 01-12-2004 Historisch 01-06-2003 Historisch 01-07-2002 Historisch 01-11-2000 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 15-02-2014.

Tekst van deze versie

  1. De burgemeester kan ten aanzien van het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank op aanvraag ontheffing verlenen van het in artikel 3 voor de uitoefening van het horecabedrijf gestelde verbod, bij een in de beschikking aangewezen bijzondere gelegenheid van zeer tijdelijke aard voor een aaneengesloten periode van ten hoogste twaalf dagen, mits de verstrekking geschiedt onder onmiddellijke leiding van een persoon die:

    1. de leeftijd van eenentwintig jaar heeft bereikt;

    2. niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is.

    De naam van deze persoon staat op de ontheffing vermeld.

  2. Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend; aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.

  3. Ten aanzien van een ontheffing is artikel 31, eerste lid, onder a en c, van overeenkomstige toepassing.

  4. De ontheffing, of een afschrift daarvan, is ter plaatse aanwezig.

  5. Een burgemeester kan naar aanleiding van een aanvraag voor ontheffingen als bedoeld in dit artikel, voor jaarlijks terugkerende identieke bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijke aard, besluiten één ontheffing te verlenen, mits de verstrekking van zwak-alcoholhoudende drank telkenmale geschiedt onder onmiddellijke leiding van dezelfde persoon.

  6. Met toepassing van artikel 28, eerste lid, laatste zinsnede, van de Dienstenwet is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing op de aanvraag om een ontheffing als bedoeld in dit artikel.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Alcoholwet