Participatiewet

Inhoud

Artikel 78w

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 18-07-2012.
  1. Op de persoon die op de dag voor inwerkingtreding van de Wet afschaffing huishoudinkomenstoets recht heeft op bijstand zijn de artikelen 4, 5, onderdeel e, 7, derde lid, onderdeel b, 9, derde, vijfde en zesde lid, 11, vierde lid, 13, tweede lid, onderdeel b, 18, vierde lid, 19, eerste lid, aanhef, 20 tot en met 24, 25, eerste lid, 26, 31, eerste en tweede lid, onderdelen h, r en w, 32, derde tot en met vijfde lid, 33, vijfde lid, 34, eerste lid, onderdeel a, tweede lid, onderdeel a, en derde lid, onderdelen b en c, 35, eerste en negende lid, 36, zesde lid, 38, eerste lid, onderdeel c, en zesde lid, 41, vierde tot en met zesde lid, 43, tweede en derde lid, 44, vierde lid, 45, derde lid, aanhef, vierde en vijfde lid, 47a, eerste lid, onderdeel b, 47c, vijfde lid, 50, eerste lid, 59, eerste en tweede lid, 78m, zoals die luidden op die dag, van toepassing indien die toepassing leidt tot een hogere uitkering. Die toepassing eindigt op het tijdstip waarop het recht op die bijstand eindigt doch ten hoogste met ingang van 1 januari 2013.

  2. Bij de toepassing van de artikelen, bedoeld in het eerste lid, wordt met ingang van 1 juli 2012:

    1. in artikel 4, tweede lid, aanhef, en 32, vijfde lid, onderdeel c, voor «€ 1 059,49» gelezen: € 1 065,79;

    2. in artikel 20, eerste lid, onderdeel a, voor «€ 230,91» gelezen: € 230,98;

    3. in artikel 20, eerste lid, onderdeel b, voor € 668,21» gelezen: € 668,44;

    4. in artikel 20, tweede lid, onderdeel a, voor «€ 498,19» gelezen: € 498,35;

    5. in artikel 20, tweede lid, onderdel b, voor «€ 935,49» gelezen: € 935,81;

    6. in artikel 21, eerste lid, voor «€ 1 336,42» gelezen: € 1 336,87;

    7. in artikel 21, tweede lid, onderdeel a, onder 1°, voor «€ 461,82» gelezen: € 461,96;

    8. in artikel 21, tweede lid, onderdeel a, onder 2° voor «€ 729,10» gelezen: € 729,33;

    9. in artikel 21, tweede lid, onderdeel b, onder 1°, voor «€ 899,12» gelezen: € 899,42;

    10. in artikel 21, tweede lid, onderdeel b, onder 2° voor «€ 1 166,40» gelezen: € 1 166,79;

    11. in artikel 21, tweede lid, onderdeel c, voor «€ 1 130,03» gelezen: € 1 130,40;

    12. in artikel 22, onderdeel a, voor «€ 1 026,35» gelezen: € 1 026,66;

    13. in artikel 22, onderdeel b, voor «€ 1 291,60» gelezen: € 1 291,99;

    14. in artikel 22, onderdeel c, voor «€ 1 412,71» gelezen: € 1 413,13;

    15. in artikel 23, eerste lid, onderdeel a, voor «€ 296,26» gelezen: € 296,35;

    16. in artikel 23, eerste lid, onderdeel b, voor € 460,79» gelezen: € 460,93;

    17. in artikel 31, tweede lid, onderdeel r, wordt voor «120,00» gelezen: € 120,23.

  3. Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2013.

01-07-2026 Huidig 03-04-2026 Historisch 04-02-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 04-02-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 07-10-2023 Historisch 01-10-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 26-08-2022 Historisch 01-08-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-04-2022 Historisch 15-03-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 21-12-2021 Historisch 15-11-2021 Historisch 01-10-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 17-12-2020 Historisch 01-11-2020 Historisch 01-10-2020 Historisch 01-07-2020 Historisch 01-04-2020 Historisch 01-03-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch 18-12-2019 Historisch 01-07-2019 Historisch 01-01-2019 Historisch 23-11-2018 Historisch 28-07-2018 Historisch 01-07-2018 Historisch 25-05-2018 Historisch 01-01-2018 Historisch 16-12-2017 Historisch 01-10-2017 Historisch 01-09-2017 Historisch 01-07-2017 Historisch 12-12-2013 Historisch 01-07-2013 Historisch 01-01-2013 Historisch 18-07-2012 Historisch 01-07-2012 Historisch 01-04-2012 Historisch 01-01-2012 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2012.

Tekst van deze versie

  1. Op de persoon die op de dag voor inwerkingtreding van de Wet afschaffing huishoudinkomenstoets recht heeft op bijstand zijn de artikelen 4, 5, onderdeel e, 7, derde lid, onderdeel b, 9, derde, vijfde en zesde lid, 11, vierde lid, 13, tweede lid, onderdeel b, 18, vierde lid, 19, eerste lid, aanhef, 20 tot en met 24, 25, eerste lid, 26, 31, eerste en tweede lid, onderdelen h, r en w, 32, derde tot en met vijfde lid, 33, vijfde lid, 34, eerste lid, onderdeel a, tweede lid, onderdeel a, en derde lid, onderdelen b en c, 35, eerste en negende lid, 36, zesde lid, 38, eerste lid, onderdeel c, en zesde lid, 41, vierde tot en met zesde lid, 43, tweede en derde lid, 44, vierde lid, 45, derde lid, aanhef, vierde en vijfde lid, 47a, eerste lid, onderdeel b, 47c, vijfde lid, 50, eerste lid, 59, eerste en tweede lid, 78m, zoals die luidden op die dag, van toepassing indien die toepassing leidt tot een hogere uitkering. Die toepassing eindigt op het tijdstip waarop het recht op die bijstand eindigt doch ten hoogste met ingang van 1 januari 2013.

  2. Bij de toepassing van de artikelen, bedoeld in het eerste lid, wordt met ingang van 1 juli 2012:

    1. in artikel 4, tweede lid, aanhef, en 32, vijfde lid, onderdeel c, voor «€ 1 059,49» gelezen: € 1 065,79;

    2. in artikel 20, eerste lid, onderdeel a, voor «€ 230,91» gelezen: € 230,98;

    3. in artikel 20, eerste lid, onderdeel b, voor € 668,21» gelezen: € 668,44;

    4. in artikel 20, tweede lid, onderdeel a, voor «€ 498,19» gelezen: € 498,35;

    5. in artikel 20, tweede lid, onderdel b, voor «€ 935,49» gelezen: € 935,81;

    6. in artikel 21, eerste lid, voor «€ 1 336,42» gelezen: € 1 336,87;

    7. in artikel 21, tweede lid, onderdeel a, onder 1°, voor «€ 461,82» gelezen: € 461,96;

    8. in artikel 21, tweede lid, onderdeel a, onder 2° voor «€ 729,10» gelezen: € 729,33;

    9. in artikel 21, tweede lid, onderdeel b, onder 1°, voor «€ 899,12» gelezen: € 899,42;

    10. in artikel 21, tweede lid, onderdeel b, onder 2° voor «€ 1 166,40» gelezen: € 1 166,79;

    11. in artikel 21, tweede lid, onderdeel c, voor «€ 1 130,03» gelezen: € 1 130,40;

    12. in artikel 22, onderdeel a, voor «€ 1 026,35» gelezen: € 1 026,66;

    13. in artikel 22, onderdeel b, voor «€ 1 291,60» gelezen: € 1 291,99;

    14. in artikel 22, onderdeel c, voor «€ 1 412,71» gelezen: € 1 413,13;

    15. in artikel 23, eerste lid, onderdeel a, voor «€ 296,26» gelezen: € 296,35;

    16. in artikel 23, eerste lid, onderdeel b, voor € 460,79» gelezen: € 460,93;

    17. in artikel 31, tweede lid, onderdeel r, wordt voor «120,00» gelezen: € 120,23.

  3. Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2013.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Participatiewet