-
Het vacatiegeld, bedoeld in artikel 2.31, eerste lid, van de Verordening, bedraagt:
per vergadering van de raad van advies: € 500;
per vergadering van het college van afgevaardigden of de financiële commissie: € 275;
per zitting van het hof van discipline: € 400;
per zitting van de raad van discipline: € 300;
per vergadering van de redactie van het Advocatenblad: € 160;
per toets door de commissie cassatie voor een:
examen: € 500;
proeve van bekwaamheid: € 750.
-
Meerdere vergaderingen, zittingen of toetsen op één dag worden als één vergadering, zitting of toets gezien.
-
Indien op één dag verschillende vacatiegelden van toepassing zijn, wordt slechts eenmaal het hoogste bedrag toegekend.
Inhoud
Artikel 5
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 01-01-2023.
Deze versie geldt vanaf 01-01-2023.
01-07-2026
Huidig
01-01-2025
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-03-2023
Historisch
01-01-2023
Historisch
Tekst van deze versie
-
Het vacatiegeld, bedoeld in artikel 2.31, eerste lid, van de Verordening, bedraagt:
per vergadering van de raad van advies: € 500;
per vergadering van het college van afgevaardigden of de financiële commissie: € 275;
per zitting van het hof van discipline: € 400;
per zitting van de raad van discipline: € 300;
per vergadering van de redactie van het Advocatenblad: € 160;
per toets door de commissie cassatie voor een:
examen: € 500;
proeve van bekwaamheid: € 750.
-
Meerdere vergaderingen, zittingen of toetsen op één dag worden als één vergadering, zitting of toets gezien.
-
Indien op één dag verschillende vacatiegelden van toepassing zijn, wordt slechts eenmaal het hoogste bedrag toegekend.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.