Wet tijdelijk huisverbod

Inhoud

Artikel 5

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2009.
  1. Indien de uithuisgeplaatste dat wenst, draagt de burgemeester zorg dat deze binnen 24 uur nadat hij die wens te kennen heeft gegeven, voor de duur van de behandeling van zijn verzoek om voorlopige voorziening wordt bijgestaan door een raadsman.

  2. De artikelen 38, 39, 40, eerste en derde tot en met vijfde lid, 45 tot en met 48 en 51 van het Wetboek van Strafvordering zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:

    1. voor «de inverzekeringstelling» wordt gelezen: het huisverbod;

    2. voor «de officier van justitie» en «het openbaar ministerie» wordt gelezen: de burgemeester;

    3. voor «de verdachte» of «de inverzekering gestelde verdachte» wordt gelezen: de uithuisgeplaatste.

01-07-2020 Huidig 19-09-2018 Historisch 01-03-2017 Historisch 01-01-2015 Historisch 15-02-2014 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-11-2010 Historisch 01-01-2009 Historisch
Voor dit artikel is deze tekst gewijzigd in 01-03-2017.

Tekst van deze versie

  1. Indien de uithuisgeplaatste dat wenst, draagt de burgemeester zorg dat deze binnen 24 uur nadat hij die wens te kennen heeft gegeven, voor de duur van de behandeling van zijn verzoek om voorlopige voorziening wordt bijgestaan door een raadsman.

  2. De artikelen 38, 39, 40, eerste en derde tot en met vijfde lid, 45 tot en met 48 en 51 van het Wetboek van Strafvordering zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:

    1. voor «de inverzekeringstelling» wordt gelezen: het huisverbod;

    2. voor «de officier van justitie» en «het openbaar ministerie» wordt gelezen: de burgemeester;

    3. voor «de verdachte» of «de inverzekering gestelde verdachte» wordt gelezen: de uithuisgeplaatste.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet tijdelijk huisverbod