De exploitant van een openbare inrichting dient ervoor te zorgen dat er vanaf de buitenzijde voldoende vrije inkijk in de openbare inrichting is, met dien verstande dat de ramen en deuren van de openbare inrichting voorzien moeten zijn van blank doorzichtig glas en dat raam- of /deurbekleding en/of ander materiaal ten hoogste 20% van daglichttoetreding verhindert.
Inhoud
Artikel 2:29c
Vrije inkijk in openbare inrichtingen
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.