Algemene plaatselijke verordening voor Delft BETA Foutje gevonden?

Inhoud

Afdeling

Intrekking en sluiting

Artikel 3:15

Intrekking van de vergunning

Onverminderd hetgeen bepaald is in artikel 1:6 kan het bevoegd bestuursorgaan de vergunning tijdelijk of voor onbepaalde tijd, gedeeltelijk of geheel intrekken indien:

  1. de ingevolge artikel 3:4, lid 2 onder a in de vergunning vermelde exploitant niet feitelijk de exploitatie voert;

  2. de exploitant of beheerder de bepalingen in dit hoofdstuk of de nadere regels als bedoeld in artikel 3.3, dan wel de voorschriften, behorende bij de vergunning overtreedt;

  3. in de seksinrichting een minderjarige prostituee wordt aangetroffen;

  4. in de seksinrichting een prostituee zonder een voor het verrichten van arbeid geldige verblijfstitel wordt aangetroffen;

  5. een escortbedrijf werkzaamheden laat verrichten door een minderjarige prostitué/prostituee of een prostituee zonder een voor het verrichten van arbeid geldige verblijfstitel;

  6. er door de exploitant of beheerder onvoldoende maatregelen zijn getroffen in het belang van de veiligheid, hygiëne en de bescherming van de gezondheid van de in de seksinrichting werkzame personen, alsmede ter bescherming van de volksgezondheid;

  7. aannemelijk is dat de exploitant of beheerder betrokken is of hem ernstige nalatigheid kan worden verweten bij activiteiten in of vanuit de seksinrichting die een gevaar opleveren voor de openbare orde of een bedreiging vormen voor het woon- en leefklimaat;

  8. de exploitant of beheerder strafbare feiten pleegt in de inrichting, dan wel toestaat of gedoogt dat in zijn seksinrichting strafbare feiten worden gepleegd;

  9. zich in of vanuit de seksinrichting of anderszins feiten hebben voorgedaan, die de frees wettigen, dat de exploitatie van de seksinrichting of het escortbedrijf gevaar oplevert voor de openbare orde of een bedreiging vormt voor het woon- of leefklimaat in de omgeving van de seksinrichting of het escortbedrijf.

Artikel 3:16

Sluiting

  1. Het bevoegd bestuursorgaan kan een seksinrichting, al dan niet voor een bepaalde duur, gesloten verklaren indien:

    1. de seksinrichting wordt geëxploiteerd zonder geldige vergunning;

    2. de seksinrichting wordt geëxploiteerd in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften;

    3. het bevoegd bestuursorgaan oordeelt, dat een van de in artikel 3:15 genoemde situaties waarin intrekking van de vergunning mogelijk is, zich voordoet.

  2. Het bevoegde bestuursorgaan maakt de sluiting bekend door het aanbrengen van een afschrift van het bevel op of nabij de toegang of toegangen van de seksinrichting. De sluiting treedt in werking op het moment dat bedoeld afschrift is aangebracht.

  3. Een ieder is verplicht toe te laten dat het in het tweede lid bedoelde afschrift wordt aangebracht en aangebracht blijft, zolang de sluiting van kracht is.

  4. Het is de exploitant of beheerder van een seksinrichting verboden daarin bezoekers toe te laten of daarin te laten verblijven zolang de sluiting van kracht is.

  5. Het is een ieder verboden een overeenkomstig het eerste lid gesloten seksinrichting te bezoeken of als bezoeker daarin te verblijven.

  6. Een sluiting voor onbepaalde duur kan op aanvraag van belanghebbende door het bevoegde bestuursorgaan worden opgeheven indien later bekend geworden feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven en naar zijn oordeel voldoende garanties aanwezig zijn, dat geen herhaling van de gronden die tot sluiting hebben geleid, zal plaatsvinden.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening voor Delft