1. Het is de houder van een openbare inrichting aan wie een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet is verleend, verboden bezoekers toe te laten tot die openbare inrichting tussen 03.00 en 08.00 uur.

  2. Het is de houder van een openbare inrichting aan wie geen vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet is verleend, verboden die openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben of aldaar bezoekers toe te laten of te laten verblijven tussen 04.00 en 08.00 uur.

  3. Het verbod in lid 2 geldt niet voor de droge horeca in Heerenveen-centrum.

  4. Het is de houder van een openbare inrichting aan wie geen vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet is verleend, maar aan wie wel een gedoogbeschikking voor het verstrekken van zogenaamde softdrugs is verstrekt, verboden die openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben of aldaar bezoekers toe te laten of te laten verblijven tussen 00.00 en 12.00 uur.

  5. In afwijking van het gestelde in lid 1 is het de houder van een openbare inrichting die gelegen is in de stadionomgeving, zoals omschreven in 2:27 lid 3 sub f, aan wie een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet of een vergunning ingevolge artikel 2:28 lid 1 is verleend, verboden die openbare inrichting geopend te hebben of aldaar bezoekers toe te laten of te laten verblijven tussen 01.00 en 08.00 uur;

  6. Het verbod in lid 5 geldt niet voor bezoekers met een lidmaatschap van de Ondernemers Sociëteit Sportclub Heerenveen;

  7. De burgemeester kan op aanvraag ontheffing verlenen van de sluitingstijd aan een of meerdere openbare inrichting(en), al dan niet onder voorschriften en beperkingen.

  8. Het eerste tot en met het zevende lid zijn niet van toepassing op situaties waarin bij of krachtens de Omgevingswet is voorzien.

  9. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig verlenen) niet van toepassing.