De burgemeester onderscheidt de volgende para commerciële rechtspersonen en merkt de volgende bijeenkomsten aan als een eigenlijke instellingsactiviteit, waarbij de instelling alcoholhoudende drank kan verstrekken:

bij A. recreatieve en educatieve instellingen:

  1. feestavond voor vrijwilligers;

  2. jaarfeest of afsluiting seizoen;

  3. overige strikt club gerelateerde en incidentele feesten voor leden, zoals BBQ-feesten of bingoavond;

  4. nieuwjaarsborrel;

  5. lessen/cursussen;

  6. afstudeerbijeenkomst/ diploma-uitreiking;

  7. schoolfeesten voor leerlingen;

  8. ouderavonden;

  9. laatste schooldagviering;

  10. sportdag voor leerlingen en leraren;

bij B. sportieve instellingen:

  1. openstelling kantine voor spelers, aanhang en supporters;

  2. jaarvergaderingen;

  3. feest ter gelegenheid van clubkampioenschap;

  4. afscheidsfeest of jubileumfeest van het bestuur/een bestuurslid;

  5. feestavond voor vrijwilligers;

  6. jaarfeest of afsluiting seizoen;

  7. toernooi met afsluitend feest;

  8. overige strikt club gerelateerde en incidentele feesten, zoals een BBQ-avond of een bingoavond;

  9. Nieuwjaarsborrel.

bij C. sociaal-culturele instellingen:

  1. bijeenkomsten/vergaderingen/feesten van en voor verenigingen en stichtingen die gebruik maken van het pand (dus toegankelijk voor de leden en oud-leden);

  2. sociaal-culturele evenementen, waarbij dit evenement centraal staat (ook voor publiek toegankelijk);

  3. Koningsdag, sinterklaas- en kerstviering;

  4. jaarvergaderingen;

  5. nieuwjaarsborrel.

bij D. instellingen van levensbeschouwelijke of godsdienstige aard:

  1. bijeenkomsten, vieringen, cursussen en dergelijke die voortvloeien uit het levensbeschouwelijke of godsdienstige karakter van de instelling.

bij E. studentenverenigingen en studentensportverenigingen:

  1. lezingen, debatten, bijeenkomsten e.d. van studie- en studentenverenigingen;

  2. afscheidsbijeenkomsten in het kader van afstuderen van leden;

  3. universiteits- en hogeschoolfeesten;

  4. inter-corporale studentenfeesten of studentenfeesten van andere landelijke verbanden van studentenverenigingen;

  5. scholierenfeesten als kennismaking met het studentenleven;

  6. El Cid week;

  7. ouderdagen;

  8. studentenfeesten, zoals een gala of een Diesviering;

  9. eetgelegenheden van studentenverenigingen;

  10. de onder B sportieve instellingen a t/m i genoemde activiteiten.