Algemene plaatselijke verordening gemeente Lingewaard 2026 BETA Foutje gevonden?

Inhoud

Afdeling

Het bewaren van houtopstanden

Artikel 4:10

Definities

  1. In deze afdeling wordt verstaan onder:

    1. houtopstand: hakhout, een houtwal of één of meer bomen;

    2. hakhout: één of meer bomen die na te zijn geveld, opnieuw op de stronk uitlopen.

  2. In deze afdeling wordt onder vellen mede verstaan: rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van handelingen die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van houtopstand ten gevolge kunnen hebben.

  3. Het college kan nadere regels vaststellen over houtopstanden en hakhout.

Artikel 4:11

Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden

  1. Het college stelt een Bomenlijst vast waarop de monumentale en andere beschermenswaardige bomen in de gemeente worden vermeld.

  2. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een houtopstand te vellen of te doen vellen, die vermeld staat op de in het eerste lid genoemde Bomenlijst.

  3. Het in het tweede lid bedoelde verbod geldt ook voor een houtopstand die is aangelegd op basis van een herplant- en instandhoudingsplicht op grond van artikel 4:11a.

  4. In afwijking van artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd op grond van:

    1. de natuurwaarde van de houtopstand;

    2. de landschappelijke waarde van de houtopstand;

    3. de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;

    4. de beeldbepalende waarde van de houtopstand;

    5. de cultuurhistorische waarde van de houtopstand; of

    6. de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.

  5. Het in het tweede lid bedoelde verbod is niet van toepassing als de burgemeester toestemming verleent voor het vellen van een houtopstand in verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een direct gevaar voor personen of goederen.

Artikel 4:11a

Herplant- en instandhoudingsplicht

  1. Indien een beschermde houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing is, zonder vergunning is geveld of op andere wijze teniet is gegaan, kan het college aan de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de beschermde houtopstand bevond dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen te herplanten overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn.

  2. Indien naar oordeel van het college niet ter plaatse kan worden herplant, wordt een financiële bijdrage gestort in een voorziening van de gemeente die dient ter instandhouding en uitbreiding van het bomenbestand en groenvoorzieningen in de gemeente.

  3. Wordt een verplichting als bedoeld in het eerste lid opgelegd, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na herplant en op welke wijze niet aangeslagen herplant moet worden vervangen.

  4. Indien een beschermde houtopstand waarop het verbod tot vellen van toepassing is in het voortbestaan ernstig wordt bedreigd, kan het college aan de zakelijk gerechtigde tot de grond waarop zich de beschermde houtopstand bevindt dan wel aan degene die uit andere hoofde tot het treffen van voorzieningen bevoegd is, de verplichting opleggen om overeenkomstig de door hen te geven aanwijzingen binnen een door hen te stellen termijn voorzieningen te treffen, waardoor die bedreiging wordt weggenomen.

  5. Degene aan wie een verplichting als bedoeld in dit artikel is opgelegd, alsmede zijn rechtsopvolger is verplicht daaraan te voldoen.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening gemeente Lingewaard 2026