-
Het is verboden de weg, openbare plaats of een weggedeelte daarvan anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan zonder ontheffing van het college.
-
Een ontheffing moet minimaal 8 weken voor het geplande gebruik worden aangevraagd.
-
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan een ontheffing worden geweigerd:
Als het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg;
Als het beoogde gebruik hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand; of
in het belang van de voorkoming of beperking van overlast voor gebruikers van een in de nabijheid gelegen onroerende zaak.
-
Wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan volstaat een melding aan het college:
De ingenomen oppervlakte van de openbare ruimte is maximaal 400 centimeter lang en 200 centimeter breed; en
Het object/ de objecten wordt/ worden voor maximaal één maand geplaatst; en
Het object/ de objecten wordt/ worden niet geplaatst op een rijbaan en ook niet op een invalideparkeerplaats of een parkeervak met een elektrische laadpaal; en
Rondom een brandkraan moet er een minimale ruimte van 180 centimeter vrij blijven; en
Indien het een steiger betreft: wordt deze geplaatst direct rondom het pand van de werkzaamheden waarbij er minimaal 90 centimeter vrij blijft voor voetgangers; en
Het niet in het centrum wordt geplaatst; en
Bij het plaatsen van het object/ de objecten in een groenstrook of op het gras wordt/worden er altijd rijplaten gebruikt om het groen te beschermen; en
Twee weken voor het plaatsen is melding gedaan bij het college met vermelding van locatie en periode.
-
Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op tijdelijke spandoeken of aankondigingsborden voor ideële reclame of voor de aankondiging van een evenement indien aan alle hiernavolgende algemene regels in acht worden genomen:
het voornemen van het plaatsen van een tijdelijk spandoek of aankondigingsbord met ideële reclame dient minimaal twee weken voor de plaatsing schriftelijk te worden gemeld aan het college met vermelding van de locatie en de periode;
de spandoeken of aankondigingsborden mogen alleen worden geplaatst op de door het college aangewezen plaatsen;
het is verboden de spandoeken of aankondigingsborden te gebruiken voor het uiten van handelsreclame;
Spandoeken of aankondigingsborden moeten voorbedrukt en vervaardigd zijn van sterk en weerbestendig materiaal;
spandoeken of aankondigingsborden mogen maximaal voor een periode van twee aaneengesloten weken worden geplaatst;
spandoeken of aankondigingsborden mogen de verkeersveiligheid op geen enkele wijze in gevaar brengen;
spandoeken of aankondigingsborden mogen niet direct of indirect kunstmatig worden verlicht en ook niet van fluorescerend of reflecterend materiaal zijn voorzien.
-
Het college kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere regels stellen voor terrassen, uitstallingen, reclame-uitingen en straatversiering.
-
Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op:
Evenementen als bedoeld in artikel 2:24;
Standplaatsen als bedoeld in artikel 5:17;
Overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de openbare plaats of weg is verleend.
Beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.
Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Twenterand 2026, wijziging voorjaar 2026 BETA Foutje gevonden?
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen en procedurevoorschriften
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Evenementen
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:48
- Artikel 2:49
- Artikel 2:49a
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Afdeling Bestrijding van heling van goederen
Afdeling Vuurwerk en Carbidschieten
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Afdeling Ondermijning
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen
Artikel 2:10
Voorwerpen op of aan de weg of openbare plaats
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.