-
De kosten die de Rijksvertegenwoordiger maakt omdat hij zich tijdens het ambt oriënteert op zijn verdere loopbaan of mobiliteit bevorderende activiteiten ontplooit, komen ten laste van het Rijk, mits Onze Minister van oordeel is dat:
de prijs/kwaliteitverhouding van de desbetreffende loopbaanoriëntatie of mobiliteit bevorderende activiteit redelijk is;
die loopbaanoriëntatie of mobiliteit bevorderende activiteit niet kan worden aangemerkt als een sollicitatieactiviteit;
de kosten ervan niet reeds uit anderen hoofde voor vergoeding in aanmerking komen.
-
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het eerste lid.
Inhoud
Artikel 12c
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 01-01-2022.
Deze versie geldt vanaf 01-01-2022.
07-07-2026
Huidig
01-07-2026
Historisch
01-01-2026
Historisch
01-01-2025
Historisch
01-07-2024
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-04-2023
Historisch
01-01-2023
Historisch
21-09-2022
Historisch
01-07-2022
Historisch
01-01-2022
Historisch
08-12-2021
Historisch
01-07-2021
Historisch
01-01-2021
Historisch
12-12-2020
Historisch
01-07-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
Tekst van deze versie
-
De kosten die de Rijksvertegenwoordiger maakt omdat hij zich tijdens het ambt oriënteert op zijn verdere loopbaan of mobiliteit bevorderende activiteiten ontplooit, komen ten laste van het Rijk, mits Onze Minister van oordeel is dat:
de prijs/kwaliteitverhouding van de desbetreffende loopbaanoriëntatie of mobiliteit bevorderende activiteit redelijk is;
die loopbaanoriëntatie of mobiliteit bevorderende activiteit niet kan worden aangemerkt als een sollicitatieactiviteit;
de kosten ervan niet reeds uit anderen hoofde voor vergoeding in aanmerking komen.
-
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het eerste lid.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.