Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid 2011

Inhoud

Artikel 25

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2015.
  1. De kosten verbonden aan een onderzoek naar de geschiktheid komen voor rekening van de betrokken rijbewijshouder:

    1. in de in artikel 23, eerste lid, bedoelde gevallen, en

    2. in de in artikel 23, derde lid, onderdeel a, bedoelde gevallen, voor zover het de gevallen betreft, bedoeld in bijlage 1, onder B, onderdeel III, Andere drogerende stoffen.

  2. De in het eerste lid bedoelde kosten worden onderscheiden in:

    1. kosten met betrekking tot het opleggen van het onderzoek, die € 330,– bedragen;

    2. kosten met betrekking tot de uitvoering van die maatregel, die € 726,– bedragen.

  3. Artikel 13, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

  4. Indien betrokkene niet of niet binnen de door het CBR gestelde termijn heeft meegewerkt aan het opgelegde onderzoek of de opgelegde onderzoeken zonder dat daarvoor naar het oordeel van het CBR een geldige reden voor de verhindering is opgegeven, bedragen de kosten van uitvoering € 517,–. Het verschil tussen het bedrag, genoemd in het tweede lid, onderdeel b, en het in dit lid bedoelde bedrag wordt door het CBR terugbetaald aan degene die het in het tweede lid, onderdeel b, genoemde bedrag heeft betaald.

01-04-2023 Huidig 01-07-2020 Historisch 01-02-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch 01-05-2018 Historisch 15-03-2018 Historisch 01-01-2018 Historisch 01-07-2017 Historisch 01-01-2017 Historisch 01-01-2016 Historisch 01-10-2015 Historisch 01-07-2015 Historisch 10-04-2015 Historisch 01-01-2015 Historisch 01-10-2014 Historisch 24-04-2014 Historisch 01-01-2014 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-10-2012 Historisch 29-08-2012 Historisch 06-06-2012 Historisch 01-12-2011 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 01-01-2014

Tekst van deze versie

  1. De kosten verbonden aan een onderzoek naar de geschiktheid komen voor rekening van de betrokken rijbewijshouder:

    1. in de in artikel 23, eerste lid, bedoelde gevallen, en

    2. in de in artikel 23, derde lid, onderdeel a, bedoelde gevallen, voor zover het de gevallen betreft, bedoeld in bijlage 1, onder B, onderdeel III, Andere drogerende stoffen.

  2. De in het eerste lid bedoelde kosten worden onderscheiden in:

    1. kosten met betrekking tot het opleggen van het onderzoek, die € 318,–330,– bedragen;
    2. kosten met betrekking tot de uitvoering van die maatregel, die € 702,–726,– bedragen.
  3. Artikel 13, tweede en derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

  4. Indien betrokkene niet of niet binnen de door het CBR gestelde termijn heeft meegewerkt aan het opgelegde onderzoek of de opgelegde onderzoeken zonder dat daarvoor naar het oordeel van het CBR een geldige reden voor de verhindering is opgegeven, bedragen de kosten van uitvoering € 500,–.517,–. Het verschil tussen het bedrag, genoemd in het tweede lid, onderdeel b, en het in dit lid bedoelde bedrag wordt door het CBR terugbetaald aan degene die het in het tweede lid, onderdeel b, genoemde bedrag heeft betaald.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid 2011