Dit hoofdstuk is van toepassing op:
de defensie-ambtenaar aan wie een diplomatieke titel is verleend;
de defensie-ambtenaar die naar het oordeel van de Minister feitelijk op een post is tewerkgesteld, maar aan wie geen diplomatieke titel is verleend;
de vlag- of opperofficier die met ingang van een datum gelegen voor 1 juli 2014 feitelijk is tewerkgesteld bij een internationale staf buiten Nederland, doch uiterlijk tot 1 juli 2017,
indien aan de overplaatsbare ambtenaar DBZ die vergelijkbaar is met de betreffende defensie-ambtenaar aanspraak zou zijn verleend op het DBZV.
De aanspraak op de voorzieningen ingevolge dit hoofdstuk gaat in op de dag dat de defensie-ambtenaar bij de post of internationale staf aankomt en eindigt op de dag voorafgaande aan die van zijn definitieve vertrek.
Inhoud
Artikel 23
Tekst van deze versie
Dit hoofdstuk is van toepassing op:
de defensie-ambtenaar aan wie een diplomatieke titel is verleend;
de defensie-ambtenaar die naar het oordeel van de Minister feitelijk op een post is tewerkgesteld, maar aan wie geen diplomatieke titel is verleend;
de vlag- of opperofficier die met ingang van een datum gelegen voor 1 juli 2014 feitelijk is tewerkgesteld bij een internationale staf buiten Nederland, doch uiterlijk tot 1 juli 2017,
indien aan de overplaatsbare ambtenaar DBZ die vergelijkbaar is met de betreffende defensie-ambtenaar aanspraak zou zijn verleend op het DBZV.
De aanspraak op de voorzieningen ingevolge dit hoofdstuk gaat in op de dag dat de defensie-ambtenaar bij de post of internationale staf aankomt en eindigt op de dag voorafgaande aan die van zijn definitieve vertrek.
Nog geen automatische verwijzingen.