Wet op de lijkbezorging Actueel

Inhoud

§ 2

Gemeentelijke begraafplaatsen

Artikel 33

Een gemeente heeft voor zich of met een of meer andere gemeenten tezamen tenminste een gemeentelijke begraafplaats, tenzij gedeputeerde staten van deze verplichting tijdelijk ontheffing hebben verleend.

Artikel 35

Tenminste elke dag welke geen zondag of algemeen erkende feestdag is, wordt gelegenheid tot begraven gegeven gedurende een redelijke tijd, bij gemeentelijke verordening te bepalen.

Artikel 36

  1. Een gemeente behoeft voor het aanleggen of uitbreiden van een begraafplaats op het grondgebied ener andere gemeente toestemming van de raad van deze laatste.

  2. De verordenende bevoegdheid met betrekking tot die begraafplaats wordt door de terzake bevoegde gemeenteraad uitgeoefend in overeenstemming met die van de andere gemeente.

  3. Wordt zodanige overeenstemming niet verkregen dan stellen gedeputeerde staten de verordeningen vast. Liggen de gemeenten in verschillende provinciën, dan geschiedt deze vaststelling door Ons, gedeputeerde staten der betrokken provinciën gehoord.

← terug naar Wet op de lijkbezorging