Wet veiligheidsregio’s

Inhoud

Artikel 35

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2020.
  1. Het bestuur van de veiligheidsregio heeft de beschikking over een gemeenschappelijke meldkamer die is ingesteld en in stand wordt gehouden door het bestuur of door het bestuur van een andere veiligheidsregio ten behoeve van de brandweertaak, de geneeskundige hulpverlening, de ambulancezorg en de politietaak, met dien verstande dat de Regionale Ambulancevoorziening zorg draagt voor het in stand houden van de meldkamer voor de ambulancezorg, als onderdeel van de meldkamer, en dat de korpschef zorg draagt voor het in stand houden van de meldkamer politie, als onderdeel van de meldkamer.

  2. De meldkamer is belast met het ontvangen, registreren en beoordelen van alle acute hulpvragen ten behoeve van de brandweer, de geneeskundige hulpverlening, de daadwerkelijke ambulancezorg en de politie, het bieden van een adequaat hulpaanbod, en het begeleiden en coördineren van de hulpdiensten.

  3. De meldkamer staat onder leiding van een directeur. Het bestuur van de veiligheidsregio benoemt de directeur na overleg met het bestuur van de Regionale Ambulancevoorziening en de door de korpschef daartoe aangewezen ambtenaar van politie. De directeur rapporteert periodiek aan het bestuur van de veiligheidsregio over de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de eisen, bedoeld in het vierde lid, en heeft instemmingsrecht bij het aanstellen en aangesteld houden van personeel van de meldkamer.

  4. Het bestuur van de veiligheidsregio kan eisen vaststellen waaraan de Regionale Ambulancevoorziening met betrekking tot de meldkamer voor de daadwerkelijke ambulancezorg moet voldoen, en deze ter kennis van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport brengen. Die eisen kunnen betrekking hebben op de locatie, het beleid en beheer, de financiën, de prestaties, de ondersteunende systemen, de voorbereiding op en het daadwerkelijk optreden bij ongevallen, rampen en crises en de samenwerking van ambulancezorg met brandweer, geneeskundige hulpverlening en politie in de meldkamer.

  5. Het convenant, bedoeld in artikel 19, bevat met betrekking tot de meldkamerfunctie in ieder geval afspraken over de locatie, het beleid en beheer, de financiën, de prestaties, de ondersteunende systemen en de samenwerking van politie met brandweer, geneeskundige hulpverlening en ambulancezorg in de meldkamer.

  6. Indien besturen van verschillende regio’s besluiten gezamenlijk gebruik te maken van één meldkamer, worden hierover schriftelijke afspraken gemaakt tussen de korpschef, besturen van veiligheidsregio’s en Regionale Ambulancevoorzieningen.

12-06-2026 Huidig 01-07-2025 Historisch 12-02-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 20-06-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-05-2022 Historisch 24-03-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 01-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is deze tekst gewijzigd in 01-07-2020.

Tekst van deze versie

  1. Het bestuur van de veiligheidsregio heeft de beschikking over een gemeenschappelijke meldkamer die is ingesteld en in stand wordt gehouden door het bestuur of door het bestuur van een andere veiligheidsregio ten behoeve van de brandweertaak, de geneeskundige hulpverlening, de ambulancezorg en de politietaak, met dien verstande dat de Regionale Ambulancevoorziening zorg draagt voor het in stand houden van de meldkamer voor de ambulancezorg, als onderdeel van de meldkamer, en dat de korpschef zorg draagt voor het in stand houden van de meldkamer politie, als onderdeel van de meldkamer.

  2. De meldkamer is belast met het ontvangen, registreren en beoordelen van alle acute hulpvragen ten behoeve van de brandweer, de geneeskundige hulpverlening, de daadwerkelijke ambulancezorg en de politie, het bieden van een adequaat hulpaanbod, en het begeleiden en coördineren van de hulpdiensten.

  3. De meldkamer staat onder leiding van een directeur. Het bestuur van de veiligheidsregio benoemt de directeur na overleg met het bestuur van de Regionale Ambulancevoorziening en de door de korpschef daartoe aangewezen ambtenaar van politie. De directeur rapporteert periodiek aan het bestuur van de veiligheidsregio over de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de eisen, bedoeld in het vierde lid, en heeft instemmingsrecht bij het aanstellen en aangesteld houden van personeel van de meldkamer.

  4. Het bestuur van de veiligheidsregio kan eisen vaststellen waaraan de Regionale Ambulancevoorziening met betrekking tot de meldkamer voor de daadwerkelijke ambulancezorg moet voldoen, en deze ter kennis van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport brengen. Die eisen kunnen betrekking hebben op de locatie, het beleid en beheer, de financiën, de prestaties, de ondersteunende systemen, de voorbereiding op en het daadwerkelijk optreden bij ongevallen, rampen en crises en de samenwerking van ambulancezorg met brandweer, geneeskundige hulpverlening en politie in de meldkamer.

  5. Het convenant, bedoeld in artikel 19, bevat met betrekking tot de meldkamerfunctie in ieder geval afspraken over de locatie, het beleid en beheer, de financiën, de prestaties, de ondersteunende systemen en de samenwerking van politie met brandweer, geneeskundige hulpverlening en ambulancezorg in de meldkamer.

  6. Indien besturen van verschillende regio’s besluiten gezamenlijk gebruik te maken van één meldkamer, worden hierover schriftelijke afspraken gemaakt tussen de korpschef, besturen van veiligheidsregio’s en Regionale Ambulancevoorzieningen.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet veiligheidsregio’s