(gereserveerd)
Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013 BETA Foutje gevonden?
Inhoud
Afdeling
Artikel 2:14
Winkelwagentjes (z)
Het bedrijf dat winkelwagentjes ter beschikking stelt is verplicht deze
te voorzien van de naam van het bedrijf of een ander herkenningsteken, en
terstond te verwijderen of te doen verwijderen uit de omgeving van dat bedrijf, anders dan op plaatsen die daartoe door het bedrijf dat winkelwagentjes beschikbaar stelt zijn aangewezen.
Het is verboden een winkelwagentje na gebruik onbeheerd op een openbare plaats achter te laten, anders dan op plaatsen die daartoe door het bedrijf dat winkelwagentjes beschikbaar stelt zijn aangewezen.
Het is verboden zich met een winkelwagentje op of aan de weg te bevinden op een afstand van meer dan 100 meter van het bedrijf dat het winkelwagentje ter beschikking heeft gesteld of op een afstand van meer dan 100 meter van het winkelcentrum waarin het bedrijf is gelegen.
Het in het eerste lid aanhef en onder b bepaalde is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Omgevingswet.
Artikel 2:15
Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp
Het is verboden beplanting of een voorwerp aan te brengen of te hebben op zodanige wijze dat aan het wegverkeer het vrije uitzicht wordt belemmerd of dat er op andere wijze voor het wegverkeer hinder of gevaar ontstaat.
Artikel 2:19a
Gevaarlijk of hinderlijk voorwerp (z)
-
Het is verboden op, aan of boven het voor voetgangers of (brom)fietsers bestemde deel van de weg op enigerlei wijze prikkeldraad, schrikdraad, puntdraad of andere scherpe voorwerpen aan te brengen of te hebben hangen lager dan 2,2 meter boven dat gedeelte van de weg.
-
Het verbod geldt niet t.a.v. prikkeldraad, schrikdraad, puntdraad of andere scherpe voorwerpen, die op grotere afstand dan 0,25 m van de uiterste boord van de weg, op van de weg af gerichte delen van een afscheiding zijn aangebracht.
-
Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor zover artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 van toepassing is.
Artikel 2:19b
Gevaarlijke voorwerpen (z)
Het is verboden op door de burgemeester aangewezen wegen en daaraan gelegen voor het publiek toegankelijke gebouwen en terreinen, messen, knuppels, slagwapens of andere voorwerpen die als wapen kunnen worden gebruikt, bij zich te hebben.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor wapens behorende bij de categorieën I, II, III, IV Wet wapens en munitie of voorzover door het bij zich dragen van de voorwerpen bedoeld in het eerste lid de openbare orde of veiligheid niet in gevaar komt of kan komen.