-
Gedurende de tijd dat de geldigheid van het kentekenbewijs is geschorst ingevolge artikel 67 van de wet, mag:
op de dag waarop het voertuig waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven, naar aanleiding van de aanvraag van een keuringsrapport als bedoeld in artikel 75 van de wet dan wel naar aanleiding van een aanvraag van een keuring als bedoeld in artikel 99 of artikel 106 van de wet aan een zodanige keuring wordt onderworpen, met dat voertuig via de kortste route naar en van de plaats van keuring worden gereden;
met een voertuig van 15 jaar of ouder waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven, op de weg worden gereden indien er naar het oordeel van Onze Minister van Financiën sprake is van een bijzondere gelegenheid en wordt voldaan aan de in het kader daarvan door die minister gestelde voorschriften en beperkingen.
-
Wanneer het kentekenbewijs is ingevorderd overeenkomstig artikel 60 van de wet, mag op de dag waarop het voertuig als gevolg van artikel 39, vierde lid, aan de aldaar bedoelde ambtenaren moet worden getoond, met dat voertuig via de kortste route naar en van de plaats van onderzoek worden gereden.
-
Wanneer het kentekenbewijs ongeldig is verklaard voor het rijden over de weg overeenkomstig artikel 38, mag op de dag waarop het voertuig waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven naar aanleiding van een aanvraag van een keuring als bedoeld in artikel 99 of artikel 106 van de wet aan een zodanige keuring wordt onderworpen, met dat voertuig via de kortste route naar en van de plaats van keuring worden gereden.
Inhoud
Artikel 23
Tekst van deze versie
-
Gedurende de tijd dat de geldigheid van het kentekenbewijs is geschorst ingevolge artikel 67 van de wet, mag:
op de dag waarop het voertuig waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven, naar aanleiding van de aanvraag van een keuringsrapport als bedoeld in artikel 75 van de wet dan wel naar aanleiding van een aanvraag van een keuring als bedoeld in artikel 99 of artikel 106 van de wet aan een zodanige keuring wordt onderworpen, met dat voertuig via de kortste route naar en van de plaats van keuring worden gereden;
met een voertuig van 15 jaar of ouder waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven, op de weg worden gereden indien er naar het oordeel van Onze Minister van Financiën sprake is van een bijzondere gelegenheid en wordt voldaan aan de in het kader daarvan door die minister gestelde voorschriften en beperkingen.
-
Wanneer het kentekenbewijs is ingevorderd overeenkomstig artikel 60 van de wet, mag op de dag waarop het voertuig als gevolg van artikel 39, vierde lid, aan de aldaar bedoelde ambtenaren moet worden getoond, met dat voertuig via de kortste route naar en van de plaats van onderzoek worden gereden.
-
Wanneer het kentekenbewijs ongeldig is verklaard voor het rijden over de weg overeenkomstig artikel 38, mag op de dag waarop het voertuig waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven naar aanleiding van een aanvraag van een keuring als bedoeld in artikel 99 of artikel 106 van de wet aan een zodanige keuring wordt onderworpen, met dat voertuig via de kortste route naar en van de plaats van keuring worden gereden.
Nog geen automatische verwijzingen.