-
Degene aan wie een tweedelig kentekenbewijs is afgegeven of degene die na diens overlijden eigenaar of houder van het voertuig is geworden, is, ingeval hij ophoudt eigenaar of houder te zijn van het voertuig waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven, verplicht:
het deel I B en het deel II terstond over te dragen aan degene die eigenaar of houder van het voertuig is geworden;
het deel I A van het kentekenbewijs onder zich te houden, totdat hij het in het derde lid bedoelde vrijwaringsbewijs en het oude deel I B heeft ontvangen.
-
Degene die eigenaar of houder van het voertuig is geworden is verplicht binnen een week nadat hij het deel I B en het deel II heeft ontvangen, bij de Dienst Wegverkeer om afgifte van een nieuw deel I B te verzoeken onder overlegging van het deel I B, het deel II en een bij ministeriële regeling aangewezen legitimatiebewijs.
-
De Dienst Wegverkeer geeft aan degene die aan de verplichtingen van het tweede lid heeft voldaan, een vrijwaringsbewijs en een nieuw deel I B af.
-
Degene die het vrijwaringsbewijs heeft ontvangen, is verplicht dit terstond, te zamen met het oude deel I B, te doen toekomen aan degene die het deel I A, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, onder zich heeft gehouden.
-
Degene die het deel I A, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, onder zich heeft gehouden, is verplicht dit terstond af te geven aan degene van wie hij het vrijwaringsbewijs en het oude deel I B heeft verkregen.
-
In afwijking van het derde lid houdt de Dienst Wegverkeer de beslissing op het verzoek, bedoeld in het tweede lid, aan indien daartoe naar het oordeel van deze dienst aanleiding bestaat. In dat geval wendt de aanvrager zich tot de Dienst Wegverkeer.
-
De voorgaande leden zijn van overeenkomstige toepassing indien de eigenaar, respectievelijk de houder van een voertuig, aan wie een tweedelig kentekenbewijs is afgegeven, met de houder, respectievelijk de eigenaar van het voertuig overeenkomt dat het kenteken aan deze houder, respectievelijk eigenaar wordt opgegeven.
Inhoud
Artikel 26
Tekst van deze versie
-
Degene aan wie een tweedelig kentekenbewijs is afgegeven of degene die na diens overlijden eigenaar of houder van het voertuig is geworden, is, ingeval hij ophoudt eigenaar of houder te zijn van het voertuig waarvoor dat kentekenbewijs is afgegeven, verplicht:
het deel I B en het deel II terstond over te dragen aan degene die eigenaar of houder van het voertuig is geworden;
het deel I A van het kentekenbewijs onder zich te houden, totdat hij het in het derde lid bedoelde vrijwaringsbewijs en het oude deel I B heeft ontvangen.
-
Degene die eigenaar of houder van het voertuig is geworden is verplicht binnen een week nadat hij het deel I B en het deel II heeft ontvangen, bij de Dienst Wegverkeer om afgifte van een nieuw deel I B te verzoeken onder overlegging van het deel I B, het deel II en een bij ministeriële regeling aangewezen legitimatiebewijs.
-
De Dienst Wegverkeer geeft aan degene die aan de verplichtingen van het tweede lid heeft voldaan, een vrijwaringsbewijs en een nieuw deel I B af.
-
Degene die het vrijwaringsbewijs heeft ontvangen, is verplicht dit terstond, te zamen met het oude deel I B, te doen toekomen aan degene die het deel I A, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, onder zich heeft gehouden.
-
Degene die het deel I A, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, onder zich heeft gehouden, is verplicht dit terstond af te geven aan degene van wie hij het vrijwaringsbewijs en het oude deel I B heeft verkregen.
-
In afwijking van het derde lid houdt de Dienst Wegverkeer de beslissing op het verzoek, bedoeld in het tweede lid, aan indien daartoe naar het oordeel van deze dienst aanleiding bestaat. In dat geval wendt de aanvrager zich tot de Dienst Wegverkeer.
-
De voorgaande leden zijn van overeenkomstige toepassing indien de eigenaar, respectievelijk de houder van een voertuig, aan wie een tweedelig kentekenbewijs is afgegeven, met de houder, respectievelijk de eigenaar van het voertuig overeenkomt dat het kenteken aan deze houder, respectievelijk eigenaar wordt opgegeven.
Nog geen automatische verwijzingen.