Kentekenreglement

Inhoud

Artikel 37

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 11-03-2005.
  1. De Dienst Wegverkeer verklaart een kentekenbewijs ongeldig indien deze dienst van oordeel is, dat de omstandigheden, bedoeld in artikel 58, eerste lid, onderdeel a of b , van de wet, zich voordoen.

  2. De Dienst Wegverkeer kan een kentekenbewijs ongeldig verklaren indien voor het voertuig, waarvoor dat bewijs is afgegeven, een nieuw kenteken is opgegeven.

  3. De Dienst Wegverkeer kan een kentekenbewijs ongeldig verklaren indien naar het oordeel van deze dienst blijkt dat:

    1. het voertuig, waarvoor dat bewijs is afgegeven, voorgoed buiten gebruik is gesteld,

    2. het voertuig, waarvoor dat bewijs is afgegeven, voorgoed buiten Nederland is gebracht,

    3. het voertuig, waarvoor dat bewijs is afgegeven, definitief is bestemd voor gebruik buiten de weg,

    4. degene aan wie dat bewijs is afgegeven, opgehouden is eigenaar, bezitter of houder van het voertuig te zijn,

    5. de reden waarom het kentekenbewijs bevattende de lettergroep BN, CD, CDJ, GN, GV, HH of ZZ is afgegeven, is vervallen,

    6. de eigenaar of houder van het voertuig onvrijwillig het bezit of het houderschap van het voertuig heeft verloren,

    7. het voertuig is gaan behoren tot een der ingevolge artikel 37 van de wet van de kentekenplicht uitgezonderde categorieën van voertuigen,

    8. sprake is van de situatie als bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel k, dan wel,

    9. degene aan wie dat bewijs is afgegeven, niet langer in Nederland woonachtig of gevestigd is.

  4. In het geval, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, verklaart de Dienst Wegverkeer het kentekenbewijs ongeldig, mits het voorgoed buiten gebruik stellen van het voertuig overeenkomstig het bepaalde krachtens artikel 62, derde lid, van de wet wordt gemeld door een erkend bedrijf dat gebruik maakt van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 46, tweede lid, onderdeel d.

  5. In afwijking van het vierde lid verklaart de Dienst Wegverkeer een kentekenbewijs ongeldig indien de melding geschiedt door een ander dan een erkend bedrijf dat de bevoegdheid, bedoeld in artikel 46, tweede lid, onderdeel d, heeft verkregen, mits de melding betrekking heeft op een voertuig dat behoort tot een bij ministeriële regeling aangewezen categorie van voertuigen en wordt voldaan aan nadere bij ministeriële regeling vastgestelde voorwaarden.

  6. In het geval, bedoeld in het derde lid, onderdeel c, verklaart de Dienst Wegverkeer het kentekenbewijs ongeldig mits ten aanzien van de bestemming van het voertuig wordt voldaan aan nadere bij ministeriële regeling vastgestelde voorwaarden.

  7. In het geval, bedoeld in het derde lid, onderdeel f, verklaart de Dienst Wegverkeer het kentekenbewijs ongeldig mits van het verlies van het bezit of het houderschap van het voertuig aangifte is gedaan bij een der in artikel 141 of 142 van het Wetboek van Strafvordering bedoelde personen.

04-07-2026 Huidig 01-07-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 01-01-2022 Historisch 21-05-2021 Historisch 01-04-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 01-01-2020 Historisch 01-07-2019 Historisch 28-07-2018 Historisch 25-05-2018 Historisch 06-01-2014 Historisch 01-01-2014 Historisch 01-01-2013 Historisch 30-06-2012 Historisch 04-05-2011 Historisch 01-01-2011 Historisch 10-02-2010 Historisch 18-09-2009 Historisch 01-05-2009 Historisch 06-04-2009 Historisch 01-11-2008 Historisch 01-07-2008 Historisch 01-01-2008 Historisch 06-07-2007 Historisch 01-01-2007 Historisch 25-08-2006 Historisch 01-09-2005 Historisch 13-05-2005 Historisch 23-03-2005 Historisch 11-03-2005 Historisch 24-12-2004 Historisch 31-05-2004 Historisch 01-09-2002 Historisch 28-06-2002 Historisch 01-04-2002 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 28-06-2002.

Tekst van deze versie

  1. De Dienst Wegverkeer verklaart een kentekenbewijs ongeldig indien deze dienst van oordeel is, dat de omstandigheden, bedoeld in artikel 58, eerste lid, onderdeel a of b , van de wet, zich voordoen.

  2. De Dienst Wegverkeer kan een kentekenbewijs ongeldig verklaren indien voor het voertuig, waarvoor dat bewijs is afgegeven, een nieuw kenteken is opgegeven.

  3. De Dienst Wegverkeer kan een kentekenbewijs ongeldig verklaren indien naar het oordeel van deze dienst blijkt dat:

    1. het voertuig, waarvoor dat bewijs is afgegeven, voorgoed buiten gebruik is gesteld,

    2. het voertuig, waarvoor dat bewijs is afgegeven, voorgoed buiten Nederland is gebracht,

    3. het voertuig, waarvoor dat bewijs is afgegeven, definitief is bestemd voor gebruik buiten de weg,

    4. degene aan wie dat bewijs is afgegeven, opgehouden is eigenaar, bezitter of houder van het voertuig te zijn,

    5. de reden waarom het kentekenbewijs bevattende de lettergroep BN, CD, CDJ, GN, GV, HH of ZZ is afgegeven, is vervallen,

    6. de eigenaar of houder van het voertuig onvrijwillig het bezit of het houderschap van het voertuig heeft verloren,

    7. het voertuig is gaan behoren tot een der ingevolge artikel 37 van de wet van de kentekenplicht uitgezonderde categorieën van voertuigen,

    8. sprake is van de situatie als bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel k, dan wel,

    9. degene aan wie dat bewijs is afgegeven, niet langer in Nederland woonachtig of gevestigd is.

  4. In het geval, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, verklaart de Dienst Wegverkeer het kentekenbewijs ongeldig, mits het voorgoed buiten gebruik stellen van het voertuig overeenkomstig het bepaalde krachtens artikel 62, derde lid, van de wet wordt gemeld door een erkend bedrijf dat gebruik maakt van de bevoegdheid, bedoeld in artikel 46, tweede lid, onderdeel d.

  5. In afwijking van het vierde lid verklaart de Dienst Wegverkeer een kentekenbewijs ongeldig indien de melding geschiedt door een ander dan een erkend bedrijf dat de bevoegdheid, bedoeld in artikel 46, tweede lid, onderdeel d, heeft verkregen, mits de melding betrekking heeft op een voertuig dat behoort tot een bij ministeriële regeling aangewezen categorie van voertuigen en wordt voldaan aan nadere bij ministeriële regeling vastgestelde voorwaarden.

  6. In het geval, bedoeld in het derde lid, onderdeel c, verklaart de Dienst Wegverkeer het kentekenbewijs ongeldig mits ten aanzien van de bestemming van het voertuig wordt voldaan aan nadere bij ministeriële regeling vastgestelde voorwaarden.

  7. In het geval, bedoeld in het derde lid, onderdeel f, verklaart de Dienst Wegverkeer het kentekenbewijs ongeldig mits van het verlies van het bezit of het houderschap van het voertuig aangifte is gedaan bij een der in artikel 141 of 142 van het Wetboek van Strafvordering bedoelde personen.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Kentekenreglement