-
Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren, voorzover het betreft de bepalingen die betrekking hebben op:
het gebruik van frequentieruimte, met uitzondering van die bepalingen die betrekking hebben op het aanbieden van openbare elektronische communicatienetwerken of openbare elektronische communicatiediensten en niet zien op de technische aspecten van het gebruik;
prioritering van alarmnummers als bedoeld in artikel 7.7, derde of vierde lid;
openbare elektronische communicatienetwerken als bedoeld in artikel 8.3;
het verstrekken van een opdracht tot verzorging van tot de universele dienst behorende diensten of voorzieningen als bedoeld in artikel 9.2, eerste en derde tot en met tiende lid;
de aan apparatuur te stellen eisen als geregeld in hoofdstuk 10;
bevoegd aftappen als geregeld in hoofdstuk 13;
buitengewone omstandigheden als geregeld in hoofdstuk 14;
verdere onderwerpen als bedoeld in de artikelen 12.4, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.1, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.2, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.4, tweede lid, 18.7, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.9, 18.12, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.16, 18.17, 20.2, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, en 20.14.
-
Met het toezicht op de naleving van artikel 6a.20, derde lid, zijn belast de bij besluit van de directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit aangewezen ambtenaren.
-
Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens andere bepalingen van deze wet dan bedoeld in het eerste en tweede lid zijn belast de bij besluit van het college aangewezen ambtenaren.
-
Van een besluit als bedoeld in het eerste, tweede, en derde lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
Inhoud
Artikel 15.1
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 19-05-2004.
Deze versie geldt vanaf 19-05-2004.
01-07-2026
Huidig
01-09-2025
Historisch
01-07-2025
Historisch
28-06-2025
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-06-2023
Historisch
19-04-2023
Historisch
01-05-2022
Historisch
02-03-2022
Historisch
01-07-2021
Historisch
21-12-2020
Historisch
04-12-2020
Historisch
01-10-2020
Historisch
11-07-2020
Historisch
01-03-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
01-07-2016
Historisch
30-04-2016
Historisch
01-01-2016
Historisch
11-03-2015
Historisch
11-12-2014
Historisch
01-08-2014
Historisch
25-01-2014
Historisch
01-01-2014
Historisch
01-04-2013
Historisch
15-03-2013
Historisch
01-01-2013
Historisch
01-10-2012
Historisch
30-06-2012
Historisch
05-06-2012
Historisch
08-02-2012
Historisch
16-07-2011
Historisch
31-03-2010
Historisch
01-01-2010
Historisch
28-12-2009
Historisch
01-10-2009
Historisch
01-09-2009
Historisch
01-07-2009
Historisch
01-01-2009
Historisch
15-10-2008
Historisch
01-07-2008
Historisch
01-04-2008
Historisch
03-03-2008
Historisch
02-11-2007
Historisch
01-10-2007
Historisch
12-09-2007
Historisch
17-08-2007
Historisch
20-07-2007
Historisch
30-06-2007
Historisch
07-02-2007
Historisch
01-02-2007
Historisch
13-12-2006
Historisch
01-09-2006
Historisch
08-03-2006
Historisch
01-01-2006
Historisch
01-07-2005
Historisch
01-09-2004
Historisch
19-05-2004
Historisch
21-05-2003
Historisch
01-01-2003
Historisch
29-05-2002
Historisch
01-01-2002
Historisch
Vergelijking met vorige versie
Vergeleken met 21-05-2003
Tekst van deze versie
-
Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren, voorzover het betreft de bepalingen die betrekking hebben op:
- het gebruik van frequentieruimte, met uitzondering van die bepalingen die betrekking hebben op het aanbieden van openbare telecommunicatienetwerkenelektronische communicatienetwerken of openbare telecommunicatiedienstenelektronische communicatiediensten en niet zien op de technische aspecten van het gebruik;
- omroepzendernetwerken,prioritering tevan wetenalarmnummers als bedoeld in artikel 8.3;7.7, derde of vierde lid;
- hetopenbare verstrekkenelektronische vancommunicatienetwerken eenals opdrachtbedoeld tot verzorging van tot de universele dienst behorende diensten of voorzieningen, te wetenin artikel 9.2, vierde lid;8.3;
- het verstrekken van een opdracht tot verzorging van tot de aanuniversele apparatuurdienst tebehorende stellendiensten eisen,of tevoorzieningen wetenals hoofdstukbedoeld 10;in artikel 9.2, eerste en derde tot en met tiende lid;
- bevoegdde aftappen,aan apparatuur te wetenstellen eisen als geregeld in hoofdstuk 13;10;
- buitengewonebevoegd omstandigheden,aftappen teals wetengeregeld in hoofdstuk 14;13;
- verderebuitengewone onderwerpen,omstandigheden teals wetengeregeld dein artikelenhoofdstuk 18.1, voorzover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.2, voorzover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.4, tweede lid, 18.7, voorzover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.9, 18.12, 18.16, 18.17, voorzover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 20.2, voorzover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, en 20.14.14;
- Metverdere onderwerpen als bedoeld in de artikelen 12.4, voor zover het toezichtbevoegdheden op de nalevingbetreft van artikelOnze 8.1Minister, is18.1, belastvoor zover het Commissariaatbevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.2, voor dezover Media,het genoemdbevoegdheden in artikel 9betreft van deOnze Mediawet.Minister, 18.4, tweede lid, 18.7, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.9, 18.12, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, 18.16, 18.17, 20.2, voor zover het bevoegdheden betreft van Onze Minister, en 20.14.
- Met het toezicht op de naleving van hetartikel bepaalde6a.20, bij of krachtens andere bepalingen van deze wet dan bedoeld in het eerste en tweedederde lid, alsmede het bepaalde bij verordening (EG) nr. 2887/2000 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 18 december 2000 inzake ontbundelde toegang tot het aansluitnetwerk (PbEG L 336/4) zijn belast de bij besluit van hetde collegedirecteur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit aangewezen ambtenaren.
- VanMet eenhet besluittoezicht alsop de naleving van het bepaalde bij of krachtens andere bepalingen van deze wet dan bedoeld in het eerste ofen derdetweede lid wordtzijn mededeling gedaan door plaatsing inbelast de Staatscourant.bij besluit van het college aangewezen ambtenaren.
- Van een besluit als bedoeld in het eerste, tweede, en derde lid wordt mededeling gedaan door plaatsing in de Staatscourant.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.