Wet op de rechterlijke organisatie

Inhoud

Artikel 137a

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2025.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2025.
  1. Bij het functioneel parket zijn werkzaam:

    1. een hoofdofficier van justitie;

    2. een plaatsvervangend hoofdofficier van justitie;

    3. officieren van justitie;

    4. plaatsvervangende officieren van justitie;

    5. officieren enkelvoudige zittingen;

    6. plaatsvervangende officieren enkelvoudige zittingen

    7. andere ambtenaren.

  2. Bij het functioneel parket kunnen werkzaam zijn:

    1. senior officieren van justitie A;

    2. senior officieren van justitie;

    3. substituut-officieren van justitie;

    4. officieren in opleiding.

  3. Aan het hoofd van het functioneel parket staat de hoofdofficier van justitie met de titel hoofd van het functioneel parket. Hij kan algemene en bijzondere aanwijzingen geven aan de bij zijn parket werkzame ambtenaren betreffende de uitoefening van de taken en bevoegdheden van het parket. In geval van afwezigheid, belet of ontstentenis van het hoofd van het functioneel parket wordt hij vervangen door de plaatsvervangend hoofdofficier van justitie.

  4. De hoofdofficier van justitie, plaatsvervangend hoofdofficier van justitie, senior officieren van justitie A, senior officieren van justitie, officieren van justitie, substituut-officieren van justitie en plaatsvervangende officieren van justitie onderscheidenlijk officieren enkelvoudige zittingen en plaatsvervangende officieren enkelvoudige zittingen zijn van rechtswege plaatsvervangend officier van justitie onderscheidenlijk plaatsvervangend officier enkelvoudige zittingen bij de arrondissementsparketten, bij het landelijk parket, bij het parket centrale verwerking openbaar ministerie en bij het parket-generaal.

  5. De officier enkelvoudige zittingen en de plaatsvervangende officier enkelvoudige zittingen hebben de bevoegdheden en verplichtingen die bij of krachtens de wet aan de officier van justitie worden toegekend, met uitzondering van de bevoegdheid om op te treden ter terechtzitting van een meervoudige kamer van de rechtbank.

01-07-2025 Huidig 01-07-2023 Historisch 01-05-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch 07-05-2021 Historisch 01-04-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 25-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch 28-11-2019 Historisch 01-01-2019 Historisch 11-04-2018 Historisch 01-01-2018 Historisch 01-03-2017 Historisch 01-01-2017 Historisch 01-07-2015 Historisch 01-01-2015 Historisch 01-04-2014 Historisch 01-01-2014 Historisch 01-04-2013 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-11-2012 Historisch 01-10-2012 Historisch 01-09-2012 Historisch 01-07-2012 Historisch 01-07-2011 Historisch 01-01-2011 Historisch 01-09-2010 Historisch 01-07-2010 Historisch 01-04-2010 Historisch 14-01-2009 Historisch 01-01-2009 Historisch 01-09-2008 Historisch 01-07-2008 Historisch 26-03-2008 Historisch 31-10-2007 Historisch 01-09-2007 Historisch 01-06-2007 Historisch 01-03-2007 Historisch 01-01-2007 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2017.

Tekst van deze versie

  1. Bij het functioneel parket zijn werkzaam:

    1. een hoofdofficier van justitie;

    2. een plaatsvervangend hoofdofficier van justitie;

    3. officieren van justitie;

    4. plaatsvervangende officieren van justitie;

    5. officieren enkelvoudige zittingen;

    6. plaatsvervangende officieren enkelvoudige zittingen

    7. andere ambtenaren.

  2. Bij het functioneel parket kunnen werkzaam zijn:

    1. senior officieren van justitie A;

    2. senior officieren van justitie;

    3. substituut-officieren van justitie;

    4. officieren in opleiding.

  3. Aan het hoofd van het functioneel parket staat de hoofdofficier van justitie met de titel hoofd van het functioneel parket. Hij kan algemene en bijzondere aanwijzingen geven aan de bij zijn parket werkzame ambtenaren betreffende de uitoefening van de taken en bevoegdheden van het parket. In geval van afwezigheid, belet of ontstentenis van het hoofd van het functioneel parket wordt hij vervangen door de plaatsvervangend hoofdofficier van justitie.

  4. De hoofdofficier van justitie, plaatsvervangend hoofdofficier van justitie, senior officieren van justitie A, senior officieren van justitie, officieren van justitie, substituut-officieren van justitie en plaatsvervangende officieren van justitie onderscheidenlijk officieren enkelvoudige zittingen en plaatsvervangende officieren enkelvoudige zittingen zijn van rechtswege plaatsvervangend officier van justitie onderscheidenlijk plaatsvervangend officier enkelvoudige zittingen bij de arrondissementsparketten, bij het landelijk parket, bij het parket centrale verwerking openbaar ministerie en bij het parket-generaal.

  5. De officier enkelvoudige zittingen en de plaatsvervangende officier enkelvoudige zittingen hebben de bevoegdheden en verplichtingen die bij of krachtens de wet aan de officier van justitie worden toegekend, met uitzondering van de bevoegdheid om op te treden ter terechtzitting van een meervoudige kamer van de rechtbank.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet op de rechterlijke organisatie