Inschrijvingsvoorwaarden advocatuur 2026-II

Inhoud

Artikel 6.7

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2026.
  1. De vereisten voor de inschrijving voor de specialisatie jeugdstrafrecht zijn:

    1. het beschikken over minimaal drie jaar relevante beroepservaring;

    2. het met goed gevolg hebben afgerond van de beroepsopleiding tot september 2013 of het eerste leerjaar van de beroepsopleiding van september 2013 tot maart 2021 met minor of major strafrecht of het eerste leerjaar van de beroepsopleiding vanaf maart 2021 met hoofdpraktijk strafrecht;

    3. het in de afgelopen drie jaar behaald hebben van twaalf opleidingspunten op het terrein van het jeugdstrafrecht; en

    4. het onder begeleiding van een drie jaar voor de specialisatie jeugdstrafrecht ingeschreven advocaat behandeld hebben van minimaal drie jeugdstrafzaken.

  2. Onder relevante beroepservaring bedoeld in het eerste lid onder a wordt verstaan: drie jaar werkervaring als beëdigd advocaat. Een kortere werkervaring als advocaat volstaat, mits die gecombineerd wordt met relevante en gelijkwaardige werkervaring elders, bijvoorbeeld in een beroep bij het Openbaar Ministerie, de Rechterlijke Macht, de Politie of Jeugdzorg.

  3. Advocaten die het eerste leerjaar van de beroepsopleiding hebben afgerond en de onderdelen van de beroepsopleiding genoemd in het eerste lid onder b niet hebben afgerond moeten in plaats daarvan de in artikel 6.1, eerste lid onder a, 4° genoemde cursus in de drie jaar voorafgaand aan het verzoek tot inschrijving hebben gevolgd.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch
Er is nog geen eerdere of toekomstige officiële versie gevonden om te vergelijken.

Tekst van deze versie

  1. De vereisten voor de inschrijving voor de specialisatie jeugdstrafrecht zijn:

    1. het beschikken over minimaal drie jaar relevante beroepservaring;

    2. het met goed gevolg hebben afgerond van de beroepsopleiding tot september 2013 of het eerste leerjaar van de beroepsopleiding van september 2013 tot maart 2021 met minor of major strafrecht of het eerste leerjaar van de beroepsopleiding vanaf maart 2021 met hoofdpraktijk strafrecht;

    3. het in de afgelopen drie jaar behaald hebben van twaalf opleidingspunten op het terrein van het jeugdstrafrecht; en

    4. het onder begeleiding van een drie jaar voor de specialisatie jeugdstrafrecht ingeschreven advocaat behandeld hebben van minimaal drie jeugdstrafzaken.

  2. Onder relevante beroepservaring bedoeld in het eerste lid onder a wordt verstaan: drie jaar werkervaring als beëdigd advocaat. Een kortere werkervaring als advocaat volstaat, mits die gecombineerd wordt met relevante en gelijkwaardige werkervaring elders, bijvoorbeeld in een beroep bij het Openbaar Ministerie, de Rechterlijke Macht, de Politie of Jeugdzorg.

  3. Advocaten die het eerste leerjaar van de beroepsopleiding hebben afgerond en de onderdelen van de beroepsopleiding genoemd in het eerste lid onder b niet hebben afgerond moeten in plaats daarvan de in artikel 6.1, eerste lid onder a, 4° genoemde cursus in de drie jaar voorafgaand aan het verzoek tot inschrijving hebben gevolgd.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Inschrijvingsvoorwaarden advocatuur 2026-II