1. De gemachtigde overhandigt aan de voorzitter van het stembureau het volmachtbewijs.

  2. Indien het een volmachtbewijs betreft als bedoeld in hoofdstuk L, paragraaf 3, overhandigt de gemachtigde tevens een kopie van een identiteitsdocument als bedoeld in artikel J 24, van de volmachtgever.

  3. Artikel J 25, tweede tot en met tiende lid, is van overeenkomstige toepassing.