Kieswet Actueel

Inhoud

§ 1

Algemene bepalingen

Artikel Ya 1

Deze wet en de daarop berustende bepalingen is mede van toepassing in Bonaire, Sint Eustatius en Saba, met inachtneming van het in deze afdeling bepaalde.

Artikel Ya 2

In deze afdeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  1. openbaar lichaam: openbaar lichaam Bonaire, Sint Eustatius of Saba;

  2. het Gemeenschappelijk Hof: het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Artikel Ya 3

  1. Voor de toepassing van de bij of krachtens deze wet gestelde bepalingen in Bonaire, Sint Eustatius en Saba wordt, voor zover deze afdeling niet anders bepaalt, telkens in die bepalingen gelezen in plaats van:

    1. «de gemeente»: het openbaar lichaam;

    2. «de burgemeester»: de gezaghebber;

    3. «burgemeester en wethouders»: het bestuurscollege;

    4. «de gemeenteraad»: de eilandsraad;

    5. «gemeentehuis»: het bestuurskantoor;

    6. «gemeenteblad»: afkondigingsblad;

    7. «gemeentelijk stembureau»: stembureau van het openbaar lichaam;

    8. «artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht»: artikel 2 van de Wet identificatieplicht BES.

  2. Indien uitsluitend de gemeente, de burgemeester of burgemeester en wethouders van ’s-Gravenhage wordt bedoeld, geldt het eerste lid, onder a tot en met c, niet.

Artikel Ya 3a

In aanvulling op artikel D 6, eerste lid, onderdeel a, kan een registratie van een ingezetene van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius of Saba op aanvraag worden gewijzigd indien de persoon niet op de juiste wijze als kiezer is geregistreerd. Artikel D 7, eerste lid, is van overeenkomstige toepassing.

Artikel Ya 3b

  1. In afwijking van artikel Ea 7, eerste lid, stellen de Kiesraad en het bestuurscollege in onderling overleg vast of het stembureau van het openbaar lichaam en het centraal stembureau bij de vaststelling, bedoeld in de artikelen Na 26a en P 20a, gebruik maken van de door de Kiesraad ter beschikking te stellen uitslagprogrammatuur.

  2. Indien het stembureau van het openbaar lichaam en het centraal stembureau bij de vaststelling, bedoeld in het eerste lid, geen gebruik maken van de uitslagprogrammatuur, zijn hoofdstuk Ea en de artikelen uit de hoofdstukken O en P die zien op het gebruik van de uitslagprogrammatuur niet van toepassing.

← terug naar Kieswet