-
Rechtshandelingen in strijd met het bepaalde in de artikelen 33 en 34 zijn nietig.
-
Op de nietigheid kan geen beroep worden gedaan ten nadele van hem, die van de oplegging van de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel onkundig was, tenzij hij ernstige reden had het bestaan er van te vermoeden.
-
Ten aanzien van de echtgenoot of geregistreerde partner, de bloed- of aanverwanten tot in de derde graad en de personen in dienst van degene, te wiens laste de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel is uitgesproken, wordt aangenomen, dat zij ernstige reden hebben gehad de oplegging van de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel te vermoeden, behoudens tegenbewijs.
Inhoud
Artikel 35
Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2026.
01-07-2026
Huidig
01-01-2026
Historisch
22-11-2025
Historisch
18-07-2025
Historisch
01-07-2025
Historisch
09-05-2025
Historisch
04-02-2025
Historisch
01-01-2025
Historisch
19-12-2024
Historisch
01-07-2024
Historisch
01-05-2024
Historisch
01-04-2024
Historisch
30-03-2024
Historisch
01-01-2024
Historisch
30-12-2023
Historisch
15-11-2023
Historisch
01-07-2023
Historisch
20-06-2023
Historisch
01-06-2023
Historisch
19-04-2023
Historisch
01-01-2023
Historisch
22-12-2022
Historisch
01-11-2022
Historisch
01-10-2022
Historisch
03-09-2022
Historisch
16-07-2022
Historisch
01-07-2022
Historisch
01-06-2022
Historisch
02-03-2022
Historisch
01-02-2022
Historisch
28-01-2022
Historisch
01-01-2022
Historisch
01-08-2021
Historisch
23-07-2021
Historisch
01-07-2021
Historisch
30-06-2021
Historisch
26-05-2021
Historisch
26-04-2021
Historisch
21-04-2021
Historisch
01-03-2021
Historisch
17-02-2021
Historisch
01-01-2021
Historisch
04-12-2020
Historisch
15-10-2020
Historisch
01-10-2020
Historisch
03-09-2020
Historisch
01-09-2020
Historisch
08-07-2020
Historisch
01-07-2020
Historisch
21-05-2020
Historisch
19-03-2020
Historisch
31-01-2020
Historisch
23-01-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
Tekst van deze versie
-
Rechtshandelingen in strijd met het bepaalde in de artikelen 33 en 34 zijn nietig.
-
Op de nietigheid kan geen beroep worden gedaan ten nadele van hem, die van de oplegging van de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel onkundig was, tenzij hij ernstige reden had het bestaan er van te vermoeden.
-
Ten aanzien van de echtgenoot of geregistreerde partner, de bloed- of aanverwanten tot in de derde graad en de personen in dienst van degene, te wiens laste de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel is uitgesproken, wordt aangenomen, dat zij ernstige reden hebben gehad de oplegging van de straf, de maatregel of de voorlopige maatregel te vermoeden, behoudens tegenbewijs.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.