Wet op de economische delicten

Inhoud

Artikel 8a

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2026.
  1. De maatregel vermeld in artikel 8, onder d, kan op vordering van het openbaar ministerie door de rechter worden opgelegd aan degene die is veroordeeld wegens een economisch delict.

  2. De rechter kan het te betalen bedrag lager vaststellen dan de kosten, bedoeld in het eerste lid. Artikel 36e, vijfde lid, vijfde en zesde volzin, van het Wetboek van Strafrecht is van overeenkomstige toepassing.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 22-11-2025 Historisch 18-07-2025 Historisch 01-07-2025 Historisch 09-05-2025 Historisch 04-02-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 19-12-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-05-2024 Historisch 01-04-2024 Historisch 30-03-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 30-12-2023 Historisch 15-11-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 20-06-2023 Historisch 01-06-2023 Historisch 19-04-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 22-12-2022 Historisch 01-11-2022 Historisch 01-10-2022 Historisch 03-09-2022 Historisch 16-07-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-06-2022 Historisch 02-03-2022 Historisch 01-02-2022 Historisch 28-01-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-07-2022.

Tekst van deze versie

  1. De maatregel vermeld in artikel 8, onder d, kan op vordering van het openbaar ministerie door de rechter worden opgelegd aan degene die is veroordeeld wegens een economisch delict.

  2. De rechter kan het te betalen bedrag lager vaststellen dan de kosten, bedoeld in het eerste lid. Artikel 36e, vijfde lid, vijfde en zesde volzin, van het Wetboek van Strafrecht is van overeenkomstige toepassing.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet op de economische delicten