De daartoe bevoegd algemeen of buitengewoon opsporingsambtenaar, voert in het rijbewijzenregister gegevens in, rectificeert en wist gegevens omtrent:
de vordering tot overgifte van rijbewijzen, bedoeld in de artikelen 130, tweede lid, en 164, eerste lid, van de wet;
het feitelijk innemen van die rijbewijzen;
het feitelijk innemen van rijbewijzen ingevolge de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften;
het voldoen van de administratieve sanctie;
de verblijfplaats van rijbewijzen, bedoeld in artikel 145, onderdeel l.