Reglement rijbewijzen

Inhoud

Artikel 49d

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-01-2026.
Deze versie geldt vanaf 01-01-2026.

Het is de begeleider verboden te begeleiden, indien:

  1. hij niet langer beschikt over een geldig rijbewijs voor de categorie B;

  2. ten aanzien van hem tijdens het begeleiden proces-verbaal is opgemaakt ten aanzien van overtreding van artikel 8, eerste, tweede of vijfde lid, van de wet;

  3. ten aanzien van hem een vordering tot overgifte is gedaan op grond van de artikelen 130, tweede lid, of 164, eerste lid, van de wet en hij daaraan geen gehoor heeft gegeven, dan wel dat het rijbewijs niet is teruggegeven;

  4. de geldigheid van het rijbewijs is geschorst op grond van artikel 131, tweede lid, onderdeel a, van de wet;

  5. hij nog niet naar tevredenheid van het CBR uitvoering heeft gegeven aan de hem door het CBR opgelegde verplichting zich te onderwerpen aan een educatieve maatregel ter bevordering van de rijvaardigheid of geschiktheid, of

  6. op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften de inlevering van het aan hem afgegeven rijbewijs is gevorderd.

01-01-2026 Huidig 01-07-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 28-09-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-09-2023 Historisch 01-07-2023 Historisch 01-04-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 15-09-2022 Historisch 14-09-2022 Historisch 01-09-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-11-2021 Historisch 13-10-2021 Historisch 01-06-2021 Historisch 01-04-2021 Historisch 01-03-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 12-12-2020 Historisch 01-12-2020 Historisch 04-09-2020 Historisch 01-09-2020 Historisch 01-08-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2020.

Tekst van deze versie

Het is de begeleider verboden te begeleiden, indien:

  1. hij niet langer beschikt over een geldig rijbewijs voor de categorie B;

  2. ten aanzien van hem tijdens het begeleiden proces-verbaal is opgemaakt ten aanzien van overtreding van artikel 8, eerste, tweede of vijfde lid, van de wet;

  3. ten aanzien van hem een vordering tot overgifte is gedaan op grond van de artikelen 130, tweede lid, of 164, eerste lid, van de wet en hij daaraan geen gehoor heeft gegeven, dan wel dat het rijbewijs niet is teruggegeven;

  4. de geldigheid van het rijbewijs is geschorst op grond van artikel 131, tweede lid, onderdeel a, van de wet;

  5. hij nog niet naar tevredenheid van het CBR uitvoering heeft gegeven aan de hem door het CBR opgelegde verplichting zich te onderwerpen aan een educatieve maatregel ter bevordering van de rijvaardigheid of geschiktheid, of

  6. op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften de inlevering van het aan hem afgegeven rijbewijs is gevorderd.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Reglement rijbewijzen