Visserijwet 1963

Inhoud

Artikel 17

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-04-2024.
Deze versie geldt vanaf 01-04-2024.
  1. Het is verboden in een water als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder d, op het visrecht waarvan een ander de rechthebbende is, vis uit te zetten, zonder in het bezit te zijn van een schriftelijke toestemming van de rechthebbende.

  2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder vis mede begrepen vissen, schaal- en schelpdieren en kuit, broed en zaad van vissen en schaal- en schelpdieren, die niet krachtens artikel 1, tweede lid, zijn aangewezen.

  3. Voor de geldigheid van een schriftelijke toestemming als bedoeld in het eerste lid, is vereist dat deze duidelijk leesbaar en in niet uit te wissen schrift ten minste vermeldt: de naam, de voorletters en de woonplaats van de rechthebbende op het visrecht en van de houder, de geboortedatum van de houder, de omschrijving van het water, de vissoort en de periode, waarvoor zij geldt en de dagtekening.

01-04-2024 Huidig 01-01-2023 Historisch 01-01-2019 Historisch 01-01-2015 Historisch 01-07-2014 Historisch 25-01-2014 Historisch 01-01-2013 Historisch 01-04-2011 Historisch 01-07-2009 Historisch 01-03-2007 Historisch 01-01-2007 Historisch 01-03-2005 Historisch 01-01-2003 Historisch 12-07-2002 Historisch 01-02-2002 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 01-01-2013

Tekst van deze versie

  1. Het is verboden in een water als bedoeld in artikel 1, vierde lid, onder d, op het visrecht waarvan een ander de rechthebbende is, vis uit te zetten, zonder in het bezit te zijn van een schriftelijke toestemming van de rechthebbende.

  2. Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder vis mede begrepen vissen, schaal- en schelpdieren en kuit, broed en zaad van vissen en schaal- en schelpdieren, die niet krachtens artikel 1, tweede lid, zijn aangewezen.

  3. EenVoor de geldigheid van een schriftelijke toestemming als bedoeld in het eerste lid, is vereist dat deze duidelijk leesbaar en in niet uit te wissen schrift gesteld en vermeldt ten minste:minste vermeldt: de naam, de voorletters en de woonplaats van de rechthebbende op het visrecht en van de houder, de geboortedatum van de houder, de omschrijving van het water, de vissoort en de periode, waarvoor zij geldt en de dagtekening.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Visserijwet 1963