In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van
vermaak, met uitzondering van:
bioscoop- en theatervoorstellingen;
markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en
artikel 5:22 van deze verordening;
kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen;
betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;
activiteiten als bedoeld in de artikelen 2:9 en 2:39 van deze verordening.
sportwedstrijden, niet zijnde vechtsportevenementen als bedoeld in het tweede lid onder f;
activiteiten in openbare inrichtingen als bedoeld in artikel 2:27 van deze verordening, die in
de uitoefening van de inrichting gebruikelijk zijn.
Onder evenement wordt mede verstaan:
een herdenkingsplechtigheid;
een braderie;
een optocht op de weg, niet zijnde een betoging als bedoeld in artikel 2:3 van deze
verordening;
een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg;
een straatfeest of buurtbarbecue;
een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of vechtsportgala’s;
ALGEMENE PLAATSELIJKE VERORDENING GEMEENTE BUNNIK 2026 BETA Foutje gevonden?
Inhoud
Paragraaf
Artikel 2:25
Evenementenvergunning
Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te
organiseren.
Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het
Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd.
Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien aan alle hieronder staande vereisten
worden voldaan:
het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 150 personen;
het evenement niet plaatsvindt op zon- en feestdagen vóór 13:00 uur;
geen ontheffing op basis van de Zondagswet is vereist;
geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 10.00 uur of na 22.00 uur;
het evenement niet plaatsvindt op de rijbaan, (brom)fietspad of parkeerplaats of anderszins
een belemmering vormt voor het verkeer en de hulpdiensten;
slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 25 m² per
object;
er een organisator is;
de organisator binnen 3 weken voorafgaand aan het evenement daarvan schriftelijk melding
heeft gedaan via het daarvoor vastgestelde meldingsformulier aan de burgemeester;
er geen kook- en/of bakactiviteiten in bak- of kraamwagens plaatsvindt.
De burgemeester kan binnen 7 werkdagen na ontvangst van de melding besluiten het organiseren
van een klein evenement als bedoeld in het derde lid te verbieden, indien er aanleiding is te
vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu
in gevaar komt.
Het verbod van het eerste lid geldt niet voor een wedstrijd op of aan de weg, voor zover in het
geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994.
Het derde lid is niet van toepassing op een krachtens artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f,
aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of vechtsportgala’s.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning voor een
vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24 tweede lid, onder f, weigeren als de organisator of
de aanvrager van de vergunning in enig opzicht van slecht levensgedrag is.
Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht
(positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.