Besluit bouwwerken leefomgeving

Inhoud

Artikel 4.192

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2026.
  1. Een hoofdtoegang van een gebouw met een toegankelijkheidssector grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad of steiger voert met:

    1. een breedte van ten minste 1,1 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m:

      1. i

        bij een verhard pad: een helling die voldoet aan artikel 4.30; en

      2. ii

        bij een steiger: een hellingbaan als bedoeld in paragraaf 4.2.4.

  2. Een hoofdtoegang van een woongebouw zonder toegankelijkheidssector grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad voert met:

    1. een breedte van ten minste 1,1 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m: een helling die voldoet aan artikel 4.30.

  3. Een hoofdtoegang van een woonfunctie als bedoeld in artikel 4.182, tweede lid, die niet gelegen is in een woongebouw, grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad voert met:

    1. een breedte van ten minste 0,85 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m: een helling die voldoet aan artikel 4.30.

  4. Een hoofdtoegang van een gebruiksfunctie in een gebouw zonder toegankelijkheidssector, die rechtstreeks bereikbaar is vanaf het aansluitende terrein, grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad voert met:

    1. een breedte van ten minste 1,1 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m: een helling die voldoet aan artikel 4.30.

  5. De toegang van een buitenberging of de toegang van de gemeenschappelijk verkeersruimte naar een buitenberging als bedoeld in artikel 4.172, derde lid, grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad voert met:

    1. een breedte van ten minste 1,1 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m: een helling die voldoet aan artikel 4.30.

  6. Een doorgang waardoor een in het eerste tot en met vijfde lid bedoelde route voert, heeft een vrije breedte van ten minste 0,85 m en een vrije hoogte van ten minste 2 m.

01-07-2026 Huidig 29-05-2026 Historisch 27-03-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 21-05-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-08-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-07-2025.

Tekst van deze versie

  1. Een hoofdtoegang van een gebouw met een toegankelijkheidssector grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad of steiger voert met:

    1. een breedte van ten minste 1,1 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m:

      1. i

        bij een verhard pad: een helling die voldoet aan artikel 4.30; en

      2. ii

        bij een steiger: een hellingbaan als bedoeld in paragraaf 4.2.4.

  2. Een hoofdtoegang van een woongebouw zonder toegankelijkheidssector grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad voert met:

    1. een breedte van ten minste 1,1 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m: een helling die voldoet aan artikel 4.30.

  3. Een hoofdtoegang van een woonfunctie als bedoeld in artikel 4.182, tweede lid, die niet gelegen is in een woongebouw, grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad voert met:

    1. een breedte van ten minste 0,85 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m: een helling die voldoet aan artikel 4.30.

  4. Een hoofdtoegang van een gebruiksfunctie in een gebouw zonder toegankelijkheidssector, die rechtstreeks bereikbaar is vanaf het aansluitende terrein, grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad voert met:

    1. een breedte van ten minste 1,1 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m: een helling die voldoet aan artikel 4.30.

  5. De toegang van een buitenberging of de toegang van de gemeenschappelijk verkeersruimte naar een buitenberging als bedoeld in artikel 4.172, derde lid, grenst aan de openbare weg of grenst aan een route naar de openbare weg die over een verhard pad voert met:

    1. een breedte van ten minste 1,1 m; en

    2. bij een te overbruggen hoogteverschil op deze route van meer dan 0,02 m: een helling die voldoet aan artikel 4.30.

  6. Een doorgang waardoor een in het eerste tot en met vijfde lid bedoelde route voert, heeft een vrije breedte van ten minste 0,85 m en een vrije hoogte van ten minste 2 m.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Besluit bouwwerken leefomgeving