-
Hij die opzettelijk een minderjarige onttrekt aan het wettig over hem gesteld gezag of aan het opzicht van degene die dit desbevoegd over hem uitoefent, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.
-
Gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt opgelegd indien list, geweld of bedreiging met geweld is gebezigd, of indien de minderjarige beneden de twaalf jaren oud is.
Inhoud
Artikel 279 (Onttrekking aan het gezag)
Tekst van deze versie
-
Hij die opzettelijk een minderjarige onttrekt aan het wettig over hem gesteld gezag of aan het opzicht van degene die dit desbevoegd over hem uitoefent, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of geldboete van de vierde categorie.
-
Gevangenisstraf van ten hoogste negen jaren of geldboete van de vijfde categorie wordt opgelegd indien list, geweld of bedreiging met geweld is gebezigd, of indien de minderjarige beneden de twaalf jaren oud is.
Dit artikel gaat over het opzettelijk weghalen van een minderjarige van degene die wettelijk gezag over hem heeft, zoals ouders of voogden, of van iemand die onterecht toezicht op het kind uitoefent. Opzettelijk betekent dat iemand bewust en met bedoeling handelt. Wettig gezag is het recht dat ouders of voogden hebben om voor een kind te zorgen en beslissingen te nemen. Wederrechtelijk betekent dat het weghalen zonder toestemming gebeurt.
Er zijn ook kwalificerende omstandigheden: als er gebruik wordt gemaakt van list (bedrog), geweld of bedreiging met geweld, of als het kind jonger is dan twaalf jaar, dan wordt de situatie als ernstiger gezien.
Kortom, het artikel beschermt minderjarigen tegen het zonder toestemming weghalen door anderen, vooral als dat op een gevaarlijke of slinkse manier gebeurt of als het om jonge kinderen gaat.