-
Als schuldig aan schuldheling wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vijfde categorie:
hij die een goed verwerft, voorhanden heeft of overdraagt, dan wel een persoonlijk recht op of zakelijk recht ten aanzien van een goed vestigt of overdraagt, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van het goed dan wel het vestigen van het recht redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;
hij die uit winstbejag een goed voorhanden heeft of overdraagt dan wel een persoonlijk recht op of zakelijk recht ten aanzien van een goed overdraagt, terwijl hij redelijkerwijs moet vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betreft.
-
Met dezelfde straf wordt gestraft hij die uit de opbrengst van enig goed voordeel trekt, terwijl hij redelijkerwijs moet vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betreft.
Inhoud
Artikel 417bis (Schuldheling)
Tekst van deze versie
-
Als schuldig aan schuldheling wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vijfde categorie:
hij die een goed verwerft, voorhanden heeft of overdraagt, dan wel een persoonlijk recht op of zakelijk recht ten aanzien van een goed vestigt of overdraagt, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van het goed dan wel het vestigen van het recht redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;
hij die uit winstbejag een goed voorhanden heeft of overdraagt dan wel een persoonlijk recht op of zakelijk recht ten aanzien van een goed overdraagt, terwijl hij redelijkerwijs moet vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betreft.
-
Met dezelfde straf wordt gestraft hij die uit de opbrengst van enig goed voordeel trekt, terwijl hij redelijkerwijs moet vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betreft.
Schuldheling betekent dat iemand iets doet met een goed waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat het door een misdrijf is verkregen. Dit kan bijvoorbeeld gaan om het kopen, bezitten, verkopen of overdragen van zo'n goed.
Belangrijk is dat de persoon opzettelijk handelt en redelijkerwijs moet vermoeden dat het goed afkomstig is van een misdrijf. Dit betekent dat hij niet zomaar onwetend kan zijn; hij had moeten weten dat het om crimineel verkregen spullen gaat.
Daarnaast speelt het winstoogmerk een rol: als iemand iets doet met het doel om er financieel voordeel uit te halen, wordt dit zwaarder meegewogen.
Ook het profiteren van de opbrengst van zo’n goed valt hieronder, als iemand weet of moet vermoeden dat die opbrengst van criminele herkomst is.
Samengevat gaat het erom dat iemand bewust omgaat met spullen of rechten die uit een misdrijf komen, en daar voordeel uit haalt of probeert te halen.