-
Tijdens het gerechtelijk vooronderzoek kan de rechter-commissaris, ambtshalve of op vordering van de officier van justitie, het bevel geven dat hij van wie redelijkerwijs kan worden vermoed dat hij toegang heeft tot bepaalde gegevens die kunnen dienen om de waarheid aan de dag te brengen, deze gegevens, voor zover deze zijn opgeslagen, worden verwerkt of overgedragen met gebruikmaking van een geautomatiseerd werk, zal vastleggen, hem daartoe toegang zal verlenen of naar de griffie van de rechtbank zal overbrengen, een en ander binnen de termijn en op de wijze bij het bevel te bepalen.
-
Het bevel kan slechts betrekking hebben op gegevens
- 1°
waarvan redelijkerwijs kan worden vermoed dat die door de verdachte zijn ingevoerd, die voor hem zijn bestemd, die tot het begaan van het strafbare feit hebben gediend, of met betrekking tot welke het strafbaar feit is gepleegd;
- 2°
waarover de verdachte de beschikking heeft of
- 3°
die een beschrijving geven van handelingen die de verdachte met betrekking tot een geautomatiseerd werk heeft verricht.
- 1°
-
Het bevel wordt mondeling of schriftelijk gegeven. In het laatste geval wordt het betekend.
Inhoud
Artikel 125i (Vastlegging gegevens bij doorzoeking)
Tekst van deze versie
-
Tijdens het gerechtelijk vooronderzoek kan de rechter-commissaris, ambtshalve of op vordering van de officier van justitie, het bevel geven dat hij van wie redelijkerwijs kan worden vermoed dat hij toegang heeft tot bepaalde gegevens die kunnen dienen om de waarheid aan de dag te brengen, deze gegevens, voor zover deze zijn opgeslagen, worden verwerkt of overgedragen met gebruikmaking van een geautomatiseerd werk, zal vastleggen, hem daartoe toegang zal verlenen of naar de griffie van de rechtbank zal overbrengen, een en ander binnen de termijn en op de wijze bij het bevel te bepalen.
-
Het bevel kan slechts betrekking hebben op gegevens
- 1°
waarvan redelijkerwijs kan worden vermoed dat die door de verdachte zijn ingevoerd, die voor hem zijn bestemd, die tot het begaan van het strafbare feit hebben gediend, of met betrekking tot welke het strafbaar feit is gepleegd;
- 2°
waarover de verdachte de beschikking heeft of
- 3°
die een beschrijving geven van handelingen die de verdachte met betrekking tot een geautomatiseerd werk heeft verricht.
- 1°
-
Het bevel wordt mondeling of schriftelijk gegeven. In het laatste geval wordt het betekend.
Wat regelt dit artikel?
Dit artikel geeft bepaalde functionarissen binnen het strafproces, zoals de rechter-commissaris, officier van justitie en opsporingsambtenaren, de bevoegdheid om een plek te doorzoeken waar digitale gegevens zijn opgeslagen. Denk hierbij aan computers, servers of andere apparaten waarop informatie staat.
Wanneer mag dit?
De bevoegdheid om zulke doorzoekingen te doen is verbonden aan voorwaarden die ook gelden voor andere vormen van doorzoekingen, zoals vastgelegd in de genoemde artikelen. Dit betekent dat er altijd een wettelijke basis en een bepaald doel moet zijn, bijvoorbeeld het belang van een lopend onderzoek.
Hoe werkt dit in de praktijk?
Als er reden is om te vermoeden dat op een bepaalde plek digitale gegevens relevant zijn voor een onderzoek, kunnen de genoemde functionarissen die plek doorzoeken en de gegevens vastleggen. Dit helpt om bewijs veilig te stellen en het onderzoek te ondersteunen. Daarbij gelden aanvullende regels uit andere artikelen die zorgen voor een zorgvuldige uitvoering.
Toekomstige opvolger(s)
- Artikel 2.7.37 Nieuw Wetboek van Strafvordering oud lid 2; lid 1