-
De rechter-commissaris stelt de identiteit van de verdachten, getuigen en deskundigen vast op de wijze, bedoeld in artikel 27a, eerste lid, eerste volzin. De rechter-commissaris is tevens bevoegd de identiteit van de verdachten vast te stellen op de wijze, bedoeld in artikel 27a, tweede lid, en van de getuigen op de wijze, bedoeld in artikel 27a, eerste lid, tweede volzin, indien over hun identiteit twijfel bestaat. Artikel 29a, tweede lid, is ten aanzien van de getuigen van overeenkomstige toepassing.
-
Indien de verdachte bekend is, vraagt de rechter-commissaris de getuigen en deskundigen, of zij bloed- of aanverwant zijn van de verdachte en zo ja, in welke graad.
-
De rechter-commissaris kan hetzij ambtshalve, hetzij op de vordering van de officier van justitie of op het verzoek van de verdachte of van de getuige, bepalen dat het vragen naar een gegeven als bedoeld in het eerste of tweede lid, achterwege zal worden gelaten, indien er gegrond vermoeden bestaat dat de getuige in verband met het afleggen van zijn verklaring overlast zal ondervinden of in de uitoefening van zijn beroep zal worden belemmerd. De rechter-commissaris neemt de maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om onthulling van dit gegeven te voorkomen.
-
De rechter-commissaris maakt in zijn proces-verbaal melding van de redenen waarom het bepaalde in het derde lid toepassing heeft gevonden.
-
In geval van een verhoor van een bedreigde getuige vinden het eerste en tweede lid geen toepassing.
-
In geval van een verhoor van een afgeschermde getuige wiens identiteit verborgen wordt gehouden, blijven het eerste en tweede lid buiten toepassing.
Inhoud
Artikel 190
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 01-10-2010.
Deze versie geldt vanaf 01-10-2010.
01-07-2026
Huidig
01-01-2026
Historisch
01-07-2025
Historisch
15-05-2025
Historisch
04-02-2025
Historisch
01-01-2025
Historisch
01-10-2024
Historisch
01-07-2024
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-10-2023
Historisch
01-03-2023
Historisch
01-01-2023
Historisch
01-10-2022
Historisch
01-07-2022
Historisch
01-01-2022
Historisch
09-11-2021
Historisch
01-07-2021
Historisch
07-05-2021
Historisch
01-05-2021
Historisch
01-01-2021
Historisch
19-12-2020
Historisch
25-07-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
01-10-2012
Historisch
01-09-2012
Historisch
01-07-2012
Historisch
01-04-2012
Historisch
01-04-2012
Historisch
01-01-2012
Historisch
01-01-2012
Historisch
01-08-2011
Historisch
01-08-2011
Historisch
02-07-2011
Historisch
02-07-2011
Historisch
01-07-2011
Historisch
01-02-2011
Historisch
01-01-2011
Historisch
01-11-2010
Historisch
10-10-2010
Historisch
01-10-2010
Historisch
01-09-2010
Historisch
01-07-2010
Historisch
01-04-2010
Historisch
01-01-2010
Historisch
01-07-2009
Historisch
01-06-2009
Historisch
01-04-2009
Historisch
25-03-2009
Historisch
01-01-2009
Historisch
01-09-2008
Historisch
01-07-2008
Historisch
09-05-2008
Historisch
26-03-2008
Historisch
01-02-2008
Historisch
01-01-2008
Historisch
01-12-2007
Historisch
04-07-2007
Historisch
01-07-2007
Historisch
01-06-2007
Historisch
09-05-2007
Historisch
01-03-2007
Historisch
01-02-2007
Historisch
01-01-2007
Historisch
01-11-2006
Historisch
01-09-2006
Historisch
01-04-2006
Historisch
01-02-2006
Historisch
01-01-2006
Historisch
01-11-2005
Historisch
15-10-2005
Historisch
01-10-2005
Historisch
01-08-2005
Historisch
01-07-2005
Historisch
15-06-2005
Historisch
01-02-2005
Historisch
01-01-2005
Historisch
01-10-2004
Historisch
01-09-2004
Historisch
01-07-2004
Historisch
01-06-2004
Historisch
19-05-2004
Historisch
01-05-2004
Historisch
01-02-2004
Historisch
01-09-2003
Historisch
01-07-2003
Historisch
01-06-2003
Historisch
01-01-2003
Historisch
01-10-2002
Historisch
04-09-2002
Historisch
08-08-2002
Historisch
12-07-2002
Historisch
01-07-2002
Historisch
01-05-2002
Historisch
08-03-2002
Historisch
Vergelijking met vorige versie
Vergeleken met 01-11-2006
Tekst van deze versie
- De rechter-commissaris vraagtstelt dende identiteit van de verdachten, getuigen en deskundigen naarvast naamop de wijze, bedoeld in artikel 27a, eerste lid, eerste volzin. De rechter-commissaris is tevens bevoegd de identiteit van de verdachten vast te stellen op de wijze, bedoeld in artikel 27a, tweede lid, en voornamen, leeftijd, beroep en woon- of verblijfplaats; voorts den verdachten naar geboorteplaats. Indienvan de verdachtegetuigen bekend is, vraagtop de rechter-commissariswijze, denbedoeld in artikel 27a, eerste lid, tweede volzin, indien over hun identiteit twijfel bestaat. Artikel 29a, tweede lid, is ten aanzien van de getuigen envan denovereenkomstige deskundigen, of zij diens bloedverwanten of aangehuwden zijn en, zoo ja, in welken graad.toepassing.
- DeIndien de verdachte bekend is, vraagt de rechter-commissaris kan hetzij ambtshalve, hetzij op de vorderinggetuigen vanen de officier van justitiedeskundigen, of opzij hetbloed- verzoekof aanverwant zijn van de verdachte ofen vanzo de getuige, bepalen dat het vragen naar een bepaald gegeven, bedoeldja, in hetwelke eerste lid, achterwege zal worden gelaten, indien er gegrond vermoeden bestaat dat de getuige in verband met het afleggen van zijn verklaring overlast zal ondervinden of in de uitoefening van zijn beroep zal worden belemmerd. De rechter-commissaris neemt de maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om onthulling van dit gegeven te voorkomen.graad.
- De rechter-commissaris maaktkan inhetzij zijnambtshalve, proces-verbaalhetzij meldingop de vordering van de redenenofficier waaromvan justitie of op het bepaaldeverzoek van de verdachte of van de getuige, bepalen dat het vragen naar een gegeven als bedoeld in het eerste of tweede lidlid, toepassingachterwege heeftzal gevonden.worden gelaten, indien er gegrond vermoeden bestaat dat de getuige in verband met het afleggen van zijn verklaring overlast zal ondervinden of in de uitoefening van zijn beroep zal worden belemmerd. De rechter-commissaris neemt de maatregelen die redelijkerwijs nodig zijn om onthulling van dit gegeven te voorkomen.
- InDe gevalrechter-commissaris maakt in zijn proces-verbaal melding van eende verhoorredenen van een bedreigde getuige vindtwaarom het eerstebepaalde in het derde lid geentoepassing toepassing.heeft gevonden.
- In geval van een verhoor van een afgeschermdebedreigde getuige wiens identiteit verborgen wordt gehouden, blijftvinden het eerste en tweede lid buitengeen toepassing.
- In geval van een verhoor van een afgeschermde getuige wiens identiteit verborgen wordt gehouden, blijven het eerste en tweede lid buiten toepassing.
5 verwijzing(en)
Hoge Raad
|
18-04-2017
|
21-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Hoge Raad
|
04-02-2014
|
22-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Hoge Raad
|
18-06-2013
|
22-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Hoge Raad
|
07-02-2012
|
22-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Hoge Raad
|
12-05-2009
|
22-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Toekomstige opvolger(s)
- Artikel 1.6.1 Nieuw Wetboek van Strafvordering oud lid 1
- Artikel 1.7.6 Nieuw Wetboek van Strafvordering oud lid 1
- Artikel 2.10.31 Nieuw Wetboek van Strafvordering oud lid 2; lid 1; oud lid 3; lid 2; oud lid 4; lid 3; oud lid 5; lid 4; oud lid 6; lid 4
- Artikel 2.10.57 Nieuw Wetboek van Strafvordering oud lid 2; lid 1
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.