Wetboek van Strafvordering

Inhoud

Artikel 257c

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2011.
  1. Een strafbeschikking houdende een taakstraf, een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen, dan wel een aanwijzing het gedrag van de verdachte betreffend, wordt slechts uitgevaardigd indien de verdachte door de officier van justitie is gehoord en daarbij heeft verklaard bereid te zijn de straf te voldoen dan wel zich aan de aanwijzing te houden. De verdachte wordt uiterlijk bij de aanvang van het horen gewezen op de mogelijkheid om toevoeging van een raadsman te verzoeken.

  2. Een strafbeschikking houdende betalingsverplichtingen uit hoofde van geldboete en schadevergoedingsmaatregel, die afzonderlijk of gezamenlijk meer belopen dan € 2000, wordt slechts uitgevaardigd indien de verdachte, bijgestaan door een raadsman, daaraan voorafgaand is gehoord door de officier van justitie die de strafbeschikking uitvaardigt.

  3. Van het horen van de verdachte overeenkomstig het eerste of tweede lid wordt een schriftelijk verslag opgemaakt. Indien de strafbeschikking afwijkt van door de verdachte uitdrukkelijk onderbouwde standpunten, worden de redenen die tot afwijken hebben geleid aan dit verslag toegevoegd, voor zover deze redenen niet reeds mondeling zijn opgegeven.

  4. In het geval een strafbeschikking zal worden uitgevaardigd tegen de verdachte, reikt de opsporingsambtenaar de verdachte zo mogelijk een aankondiging van de strafbeschikking uit. Deze aankondiging kan bij verdenking van een overtreding die met een motorrijtuig is begaan, ook worden achtergelaten in of aan het motorrijtuig. Het model van de aankondiging wordt bij ministeriële regeling vastgesteld.

  5. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen aan het opleggen en ten uitvoer leggen van straffen, maatregelen en aanwijzingen in een strafbeschikking nadere voorwaarden worden gesteld.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 15-05-2025 Historisch 04-02-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-10-2023 Historisch 01-03-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 09-11-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 07-05-2021 Historisch 01-05-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 19-12-2020 Historisch 25-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch 01-10-2012 Historisch 01-09-2012 Historisch 01-07-2012 Historisch 01-04-2012 Historisch 01-04-2012 Historisch 01-01-2012 Historisch 01-01-2012 Historisch 01-08-2011 Historisch 01-08-2011 Historisch 02-07-2011 Historisch 02-07-2011 Historisch 01-07-2011 Historisch 01-02-2011 Historisch 01-01-2011 Historisch 01-11-2010 Historisch 10-10-2010 Historisch 01-10-2010 Historisch 01-09-2010 Historisch 01-07-2010 Historisch 01-04-2010 Historisch 01-01-2010 Historisch 01-07-2009 Historisch 01-06-2009 Historisch 01-04-2009 Historisch 25-03-2009 Historisch 01-01-2009 Historisch 01-09-2008 Historisch 01-07-2008 Historisch 09-05-2008 Historisch 26-03-2008 Historisch 01-02-2008 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-02-2008.

Tekst van deze versie

  1. Een strafbeschikking houdende een taakstraf, een ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen, dan wel een aanwijzing het gedrag van de verdachte betreffend, wordt slechts uitgevaardigd indien de verdachte door de officier van justitie is gehoord en daarbij heeft verklaard bereid te zijn de straf te voldoen dan wel zich aan de aanwijzing te houden. De verdachte wordt uiterlijk bij de aanvang van het horen gewezen op de mogelijkheid om toevoeging van een raadsman te verzoeken.

  2. Een strafbeschikking houdende betalingsverplichtingen uit hoofde van geldboete en schadevergoedingsmaatregel, die afzonderlijk of gezamenlijk meer belopen dan € 2000, wordt slechts uitgevaardigd indien de verdachte, bijgestaan door een raadsman, daaraan voorafgaand is gehoord door de officier van justitie die de strafbeschikking uitvaardigt.

  3. Van het horen van de verdachte overeenkomstig het eerste of tweede lid wordt een schriftelijk verslag opgemaakt. Indien de strafbeschikking afwijkt van door de verdachte uitdrukkelijk onderbouwde standpunten, worden de redenen die tot afwijken hebben geleid aan dit verslag toegevoegd, voor zover deze redenen niet reeds mondeling zijn opgegeven.

  4. In het geval een strafbeschikking zal worden uitgevaardigd tegen de verdachte, reikt de opsporingsambtenaar de verdachte zo mogelijk een aankondiging van de strafbeschikking uit. Deze aankondiging kan bij verdenking van een overtreding die met een motorrijtuig is begaan, ook worden achtergelaten in of aan het motorrijtuig. Het model van de aankondiging wordt bij ministeriële regeling vastgesteld.

  5. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen aan het opleggen en ten uitvoer leggen van straffen, maatregelen en aanwijzingen in een strafbeschikking nadere voorwaarden worden gesteld.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wetboek van Strafvordering