-
Indien op de terechtzitting blijkt dat de bijstand van een tolk nodig is, beveelt de rechtbank de oproeping van een tolk; bij niet verschijning kan de rechtbank een bevel tot medebrenging geven.
-
Als tolk wordt slechts toegelaten degene die niet reeds in een andere kwaliteit aan het onderzoek deelneemt.
-
Voordat de tolk zijn werkzaamheden aanvangt, beëdigt de voorzitter de tolk dat hij zijn taak naar zijn geweten zal vervullen. Artikel 216a, tweede lid betreffende de vervanging van de beëdiging door een aanmaning is van overeenkomstige toepassing. De beëdiging blijft achterwege indien het een beëdigde tolk in de zin van de Wet beëdigde tolken en vertalers betreft.
-
De verdachte die daarvoor redenen aanvoert, kan de tolk wraken. De rechtbank doet daarover terstond uitspraak.
Inhoud
Artikel 276
Tekst van deze versie
-
Indien op de terechtzitting blijkt dat de bijstand van een tolk nodig is, beveelt de rechtbank de oproeping van een tolk; bij niet verschijning kan de rechtbank een bevel tot medebrenging geven.
-
Als tolk wordt slechts toegelaten degene die niet reeds in een andere kwaliteit aan het onderzoek deelneemt.
-
Voordat de tolk zijn werkzaamheden aanvangt, beëdigt de voorzitter de tolk dat hij zijn taak naar zijn geweten zal vervullen. Artikel 216a, tweede lid betreffende de vervanging van de beëdiging door een aanmaning is van overeenkomstige toepassing. De beëdiging blijft achterwege indien het een beëdigde tolk in de zin van de Wet beëdigde tolken en vertalers betreft.
-
De verdachte die daarvoor redenen aanvoert, kan de tolk wraken. De rechtbank doet daarover terstond uitspraak.
Toekomstige opvolger(s)
- Artikel 1.11.7 Nieuw Wetboek van Strafvordering (Recht op vertolking) oud lid 1; lid 1, onderdeel c
- Artikel 1.11.8 Nieuw Wetboek van Strafvordering oud lid 3; lid 3
- Artikel 4.2.10 Nieuw Wetboek van Strafvordering oud lid 2; lid 1; oud lid 4; lid 2