-
In geval van toewijzing van het in artikel 461 bedoelde verzoek, stelt de procureur-generaal het nader onderzoek in. Indien daarbij naar zijn oordeel enig onderzoek door de rechter-commissaris noodzakelijk is, kan hij dat onderzoek opdragen aan de rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken, in een rechtbank die van de zaak nog geen kennis heeft genomen. Artikel 469, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
-
Indien naar zijn oordeel het belang van het nader onderzoek dit vordert, kan de procureur-generaal zich bij het verrichten daarvan laten bijstaan door een onderzoeksteam.
-
Het in het tweede lid bedoelde team wordt samengesteld uit opsporingsambtenaren die niet eerder bij de strafzaak betrokken zijn geweest. Het team kan worden aangevuld met leden van het openbaar ministerie of deskundigen, die niet eerder bij de strafzaak betrokken zijn geweest. Het College van procureurs-generaal verleent de procureur-generaal op diens verzoek de nodige bijstand bij de instelling van het onderzoeksteam en de uitvoering van het onderzoek. De leden van het onderzoeksteam worden benoemd door de procureur-generaal.
-
De werkzaamheden van het onderzoeksteam geschieden onder leiding en verantwoordelijkheid van de procureur-generaal. Artikel 111, derde lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie is van overeenkomstige toepassing.
-
Indien tijdens het nader onderzoek getuigen of deskundigen worden gehoord, nodigt de procureur-generaal of degene die in diens opdracht met het verhoor is belast, de raadsman van gewezen verdachte tot bijwoning van het verhoor uit, voor zover dit met de bescherming van de in artikel 187d, eerste lid, vermelde belangen verenigbaar is. De gewezen verdachte kan in de gelegenheid worden gesteld het verhoor bij te wonen. De gewezen verdachte en diens raadsman kunnen de vragen opgeven die zij gesteld wensen te zien. Artikel 187, tweede en derde lid, 187b en 187d zijn van overeenkomstige toepassing.
-
Nadat de onderzoekshandelingen zijn voltooid worden de daarop betrekking hebbende stukken aan de processtukken toegevoegd en wordt aan de verzoeker een afschrift van die stukken toegezonden.
Inhoud
Artikel 463
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 01-10-2012.
Deze versie geldt vanaf 01-10-2012.
01-07-2026
Huidig
01-01-2026
Historisch
01-07-2025
Historisch
15-05-2025
Historisch
04-02-2025
Historisch
01-01-2025
Historisch
01-10-2024
Historisch
01-07-2024
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-10-2023
Historisch
01-03-2023
Historisch
01-01-2023
Historisch
01-10-2022
Historisch
01-07-2022
Historisch
01-01-2022
Historisch
09-11-2021
Historisch
01-07-2021
Historisch
07-05-2021
Historisch
01-05-2021
Historisch
01-01-2021
Historisch
19-12-2020
Historisch
25-07-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
01-10-2012
Historisch
01-09-2012
Historisch
01-07-2012
Historisch
01-04-2012
Historisch
01-04-2012
Historisch
01-01-2012
Historisch
01-01-2012
Historisch
01-08-2011
Historisch
01-08-2011
Historisch
02-07-2011
Historisch
02-07-2011
Historisch
01-07-2011
Historisch
01-02-2011
Historisch
01-01-2011
Historisch
01-11-2010
Historisch
10-10-2010
Historisch
01-10-2010
Historisch
01-09-2010
Historisch
01-07-2010
Historisch
01-04-2010
Historisch
01-01-2010
Historisch
01-07-2009
Historisch
01-06-2009
Historisch
01-04-2009
Historisch
25-03-2009
Historisch
01-01-2009
Historisch
01-09-2008
Historisch
01-07-2008
Historisch
09-05-2008
Historisch
26-03-2008
Historisch
01-02-2008
Historisch
01-01-2008
Historisch
01-12-2007
Historisch
04-07-2007
Historisch
01-07-2007
Historisch
01-06-2007
Historisch
09-05-2007
Historisch
01-03-2007
Historisch
01-02-2007
Historisch
01-01-2007
Historisch
01-11-2006
Historisch
01-09-2006
Historisch
01-04-2006
Historisch
01-02-2006
Historisch
01-01-2006
Historisch
01-11-2005
Historisch
15-10-2005
Historisch
01-10-2005
Historisch
01-08-2005
Historisch
01-07-2005
Historisch
15-06-2005
Historisch
01-02-2005
Historisch
01-01-2005
Historisch
01-10-2004
Historisch
01-09-2004
Historisch
01-07-2004
Historisch
01-06-2004
Historisch
19-05-2004
Historisch
01-05-2004
Historisch
01-02-2004
Historisch
01-09-2003
Historisch
01-07-2003
Historisch
01-06-2003
Historisch
01-01-2003
Historisch
01-10-2002
Historisch
04-09-2002
Historisch
08-08-2002
Historisch
12-07-2002
Historisch
01-07-2002
Historisch
01-05-2002
Historisch
08-03-2002
Historisch
Vergelijking met vorige versie
Vergeleken met 01-01-2003
Tekst van deze versie
- De aanvrage betreffende hetIn geval vermeldvan toewijzing van het in artikel 457,461 eerstebedoelde lid,verzoek, onderstelt 2°de ofprocureur-generaal 3°,het wordtnader onderzoek in. Indien daarbij naar zijn oordeel enig onderzoek door de rechter-commissaris noodzakelijk is, kan hij dat onderzoek opdragen aan de rechter-commissaris belast met de behandeling van strafzaken, in behandeling genomen op een openbarerechtbank terechtzitting voor strafzakendie van de enkelvoudigezaak kamernog geen kennis heeft genomen. Artikel 469, derde lid, is van deovereenkomstige Hoge Raad.toepassing.
- DeIndien enkelvoudigenaar kamerzijn verwijstoordeel het belang van het nader onderzoek dit vordert, kan de procureur-generaal zich bij het verrichten daarvan laten bijstaan door een zaak naar de meervoudige kamer:onderzoeksteam.
- wanneerHet in het tweede lid bedoelde team wordt samengesteld uit opsporingsambtenaren die niet eerder bij de raadsmanstrafzaak betrokken zijn geweest. Het team kan worden aangevuld met leden van dehet veroordeeldeopenbaar teministerie kennenof geeftdeskundigen, die niet eerder bij de aanvragestrafzaak mondelingbetrokken tezijn willengeweest. toelichten;Het College van procureurs-generaal verleent de procureur-generaal op diens verzoek de nodige bijstand bij de instelling van het onderzoeksteam en de uitvoering van het onderzoek. De leden van het onderzoeksteam worden benoemd door de procureur-generaal.
- wanneerDe zijwerkzaamheden van het onderzoeksteam geschieden onder leiding en verantwoordelijkheid van de dagprocureur-generaal. voorArtikel 111, derde lid, van de uitspraakWet bepaalt;op de rechterlijke organisatie is van overeenkomstige toepassing.
- wanneerIndien tijdens het nader onderzoek getuigen of deskundigen worden gehoord, nodigt de procureur-generaal of degene die in diens opdracht met het verhoor is belast, de raadsman van gewezen verdachte tot bijwoning van het verhoor uit, voor zover dit met de bescherming van de in artikel 187d, eerste lid, vermelde belangen verenigbaar is. De gewezen verdachte kan in de gelegenheid worden gesteld het verhoor bij te wonen. De gewezen verdachte en diens raadsman kunnen de vragen opgeven die zij verwijzinggesteld wenselijkwensen acht.te zien. Artikel 187, tweede en derde lid, 187b en 187d zijn van overeenkomstige toepassing.
- DeNadat meervoudigede kameronderzoekshandelingen verwijstzijn voltooid worden de daarop betrekking hebbende stukken aan de processtukken toegevoegd en wordt aan de verzoeker een zaak wederom naar de enkelvoudige kamer, indien zulks in enige standafschrift van hetdie gedingstukken nodig is.toegezonden.
1 verwijzing(en)
Hoge Raad
|
26-06-2012
|
22-03-2025
Bron:
rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Toekomstige opvolger(s)
- Artikel 5.8.7 Nieuw Wetboek van Strafvordering oud lid 1; lid 1; oud lid 2; lid 2; oud lid 3; lid 3; oud lid 4; lid 4; oud lid 5; lid 5; oud lid 6; lid 6
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.