-
De met de tenuitvoerlegging belaste ambtenaar kan ter aanhouding van de te vatten persoon elke plaats betreden en doorzoeken.
-
Met het oog op de vaststelling van de verblijfplaats van de aan te houden persoon kan de officier van justitie, of, indien de bedoelde artikelen de hulpofficier of de opsporingsambtenaar als bevoegd aanwijzen, deze ambtenaar, de in de artikelen 96 tot en met 99, 125j tot en met 125m, en 126n bedoelde bevoegdheden toepassen dan wel bevelen dat de in de artikelen 100 tot en met 102a, 125k, 126g en 126k tot en met 126nf bedoelde bevoegdheden worden toegepast, en kan de rechter-commissaris buiten gerechtelijk vooronderzoek, op vordering van de officier van justitie, het in artikel 125i bedoelde bevel geven, met dien verstande dat:
de bevoegdheden slechts worden toegepast ingeval de aan te houden persoon wordt vervolgd of is veroordeeld tot een vrijheidsstraf dan wel hem een vrijheidsbenemende maatregel is opgelegd voor een misdrijf van dezelfde ernst als de in die artikelen bedoelde misdrijven;
de bevoegdheden bedoeld in de artikelen 97, 126nd, zesde lid, en 126ne, derde lid, slechts kunnen worden toegepast en het bevel bedoeld in de artikelen 126l en 126m slechts kan worden gegeven na schriftelijke machtiging, op vordering van de officier van justitie te verlenen door de rechter-commissaris;
het bevel tot toepassing van de in de artikelen 126g en 126k tot en met 126n bedoelde bevoegdheden, voor zover relevant de gegevens bevat die daarin volgens die artikelen moeten zijn opgenomen.
Inhoud
Artikel 565
Tekst van deze versie
-
De met de tenuitvoerlegging belaste ambtenaar kan ter aanhouding van de te vatten persoon elke plaats betreden en doorzoeken.
-
Met het oog op de vaststelling van de verblijfplaats van de aan te houden persoon kan de officier van justitie, of, indien de bedoelde artikelen de hulpofficier of de opsporingsambtenaar als bevoegd aanwijzen, deze ambtenaar, de in de artikelen 96 tot en met 99, 125j tot en met 125m, en 126n bedoelde bevoegdheden toepassen dan wel bevelen dat de in de artikelen 100 tot en met 102a, 125k, 126g en 126k tot en met 126nf bedoelde bevoegdheden worden toegepast, en kan de rechter-commissaris buiten gerechtelijk vooronderzoek, op vordering van de officier van justitie, het in artikel 125i bedoelde bevel geven, met dien verstande dat:
de bevoegdheden slechts worden toegepast ingeval de aan te houden persoon wordt vervolgd of is veroordeeld tot een vrijheidsstraf dan wel hem een vrijheidsbenemende maatregel is opgelegd voor een misdrijf van dezelfde ernst als de in die artikelen bedoelde misdrijven;
de bevoegdheden bedoeld in de artikelen 97, 126nd, zesde lid, en 126ne, derde lid, slechts kunnen worden toegepast en het bevel bedoeld in de artikelen 126l en 126m slechts kan worden gegeven na schriftelijke machtiging, op vordering van de officier van justitie te verlenen door de rechter-commissaris;
het bevel tot toepassing van de in de artikelen 126g en 126k tot en met 126n bedoelde bevoegdheden, voor zover relevant de gegevens bevat die daarin volgens die artikelen moeten zijn opgenomen.
Nog geen automatische verwijzingen.