Wetboek van Strafvordering

Inhoud

Artikel 67 (VH-feiten)

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-07-2003.
  1. Een bevel tot voorlopige hechtenis kan worden gegeven in geval van verdenking van:

    1. een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld;

    2. een der misdrijven omschreven in de artikelen 132, 285, eerste lid, 285b, 318, 321, 323a, 326, 326a, 326c, 395, 417bis en 420quater van het Wetboek van Strafrecht;

    3. een der misdrijven omschreven in: artikel 175, tweede lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994; artikel 30, tweede lid, van de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag; de artikelen 52, 53, eerste lid en 54 van de Wet gewetensbezwaren militaire dienst; artikel 31 van de Wet op de kansspelen; artikel 11, tweede lid, van de Opiumwet; artikel 55, tweede lid, van de Wet wapens en munitie; artikel 46 van de Wet toezicht effectenverkeer 1995.

  2. Het bevel kan voorts worden gegeven indien geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland van de verdachte kan worden vastgesteld en hij verdacht wordt van een misdrijf waarvan de rechtbanken kennis nemen en waarop, naar de wettelijke omschrijving gevangenisstraf is gesteld.

  3. De voorgaande leden van dit artikel vinden alleen toepassing wanneer uit feiten of omstandigheden blijkt van ernstige bezwaren tegen de verdachte.

Annotaties

Publiek
“ernstige bezwaren”
Dit vereist een méér dan redelijk vermoeden van schuld artikel 27 Sv. Het hoeft nog niet wettig en overtuigend bewezen (artikel 338 Sv / artikel 339 Sv) te worden. Er is geen wettelijke definitie van ernstige bezwaren.
01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 15-05-2025 Historisch 04-02-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-10-2023 Historisch 01-03-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 09-11-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 07-05-2021 Historisch 01-05-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 19-12-2020 Historisch 25-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch 01-10-2012 Historisch 01-09-2012 Historisch 01-07-2012 Historisch 01-04-2012 Historisch 01-04-2012 Historisch 01-01-2012 Historisch 01-01-2012 Historisch 01-08-2011 Historisch 01-08-2011 Historisch 02-07-2011 Historisch 02-07-2011 Historisch 01-07-2011 Historisch 01-02-2011 Historisch 01-01-2011 Historisch 01-11-2010 Historisch 10-10-2010 Historisch 01-10-2010 Historisch 01-09-2010 Historisch 01-07-2010 Historisch 01-04-2010 Historisch 01-01-2010 Historisch 01-07-2009 Historisch 01-06-2009 Historisch 01-04-2009 Historisch 25-03-2009 Historisch 01-01-2009 Historisch 01-09-2008 Historisch 01-07-2008 Historisch 09-05-2008 Historisch 26-03-2008 Historisch 01-02-2008 Historisch 01-01-2008 Historisch 01-12-2007 Historisch 04-07-2007 Historisch 01-07-2007 Historisch 01-06-2007 Historisch 09-05-2007 Historisch 01-03-2007 Historisch 01-02-2007 Historisch 01-01-2007 Historisch 01-11-2006 Historisch 01-09-2006 Historisch 01-04-2006 Historisch 01-02-2006 Historisch 01-01-2006 Historisch 01-11-2005 Historisch 15-10-2005 Historisch 01-10-2005 Historisch 01-08-2005 Historisch 01-07-2005 Historisch 15-06-2005 Historisch 01-02-2005 Historisch 01-01-2005 Historisch 01-10-2004 Historisch 01-09-2004 Historisch 01-07-2004 Historisch 01-06-2004 Historisch 19-05-2004 Historisch 01-05-2004 Historisch 01-02-2004 Historisch 01-09-2003 Historisch 01-07-2003 Historisch 01-06-2003 Historisch 01-01-2003 Historisch 01-10-2002 Historisch 04-09-2002 Historisch 08-08-2002 Historisch 12-07-2002 Historisch 01-07-2002 Historisch 01-05-2002 Historisch 08-03-2002 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 08-03-2002.

Tekst van deze versie

  1. Een bevel tot voorlopige hechtenis kan worden gegeven in geval van verdenking van:

    1. een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld;

    2. een der misdrijven omschreven in de artikelen 132, 285, eerste lid, 285b, 318, 321, 323a, 326, 326a, 326c, 395, 417bis en 420quater van het Wetboek van Strafrecht;

    3. een der misdrijven omschreven in: artikel 175, tweede lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994; artikel 30, tweede lid, van de Wet buitengewone bevoegdheden burgerlijk gezag; de artikelen 52, 53, eerste lid en 54 van de Wet gewetensbezwaren militaire dienst; artikel 31 van de Wet op de kansspelen; artikel 11, tweede lid, van de Opiumwet; artikel 55, tweede lid, van de Wet wapens en munitie; artikel 46 van de Wet toezicht effectenverkeer 1995.

  2. Het bevel kan voorts worden gegeven indien geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland van de verdachte kan worden vastgesteld en hij verdacht wordt van een misdrijf waarvan de rechtbanken kennis nemen en waarop, naar de wettelijke omschrijving gevangenisstraf is gesteld.

  3. De voorgaande leden van dit artikel vinden alleen toepassing wanneer uit feiten of omstandigheden blijkt van ernstige bezwaren tegen de verdachte.

Bevel tot voorlopige hechtenis

Dit artikel regelt wanneer een rechter kan besluiten om iemand tijdelijk vast te houden tijdens een strafrechtelijk onderzoek. Het gaat om situaties waarin iemand wordt verdacht van ernstige misdrijven, zoals bepaalde zware delicten die in de wet zijn genoemd, of als iemand geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft.

Doel

Het doel van het bevel tot voorlopige hechtenis is om te voorkomen dat een verdachte zich aan het onderzoek onttrekt, bewijsmateriaal beïnvloedt of opnieuw strafbare feiten pleegt.

Voorwaarden
  • Er moet sprake zijn van verdenking van een ernstig misdrijf, meestal met een mogelijke gevangenisstraf van vier jaar of meer.
  • In sommige gevallen, zoals bij terroristische misdrijven, is het bevel mogelijk zonder dat er ernstige bezwaren zijn.
  • Als de verdachte geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft, kan het bevel ook worden gegeven.
Toepassing in de praktijk

In de praktijk vraagt het openbaar ministerie aan de rechter om een bevel tot voorlopige hechtenis als er sterke aanwijzingen zijn tegen een verdachte. De rechter beoordeelt of aan de voorwaarden is voldaan. Soms kan een verdachte ook voor korte periodes worden vastgehouden zonder dat er ernstige bezwaren zijn, bijvoorbeeld bij bepaalde misdrijven, maar dit is beperkt in tijd.

De samenvatting is een samengevatte en vereenvoudigde tekst. Die kan fouten bevatten. Je kan via de functies in de social-sectie reageren als dit niet goed of volledig is. Dan passen we dat aan.
1 verwijzing(en)
Hoge Raad | 03-03-2009 | 22-03-2025
Bron: rechtspraak.nl | expliciete verwijzing
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wetboek van Strafvordering