Wetboek van Strafvordering

Inhoud

Artikel 6:3:12

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 25-07-2020.
  1. De termijn van de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige gaat in nadat de rechterlijke uitspraak voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden.

  2. De instellingen of organisaties, bedoeld in het derde lid van artikel 77w, van het Wetboek van Strafrecht, stellen voor de uitvoering van het programma een plan vast dat is afgestemd op de problematiek van de veroordeelde.

  3. De gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, heeft tot taak de voorbereiding en de ondersteuning van de tenuitvoerlegging van de maatregel. Bij de tenuitvoerlegging van de maatregel stelt de gecertificeerde instelling de identiteit van de veroordeelde vast op de wijze, bedoeld in artikel 27a, eerste lid, eerste volzin, en tweede lid. Over de wijze waarop de veroordeelde de maatregel uitvoert, kan Onze Minister inlichtingen inwinnen bij de gecertificeerde instelling. Indien de jeugdige ten tijde van de tenuitvoerlegging van de maatregel de leeftijd van zestien jaren bereikt of heeft bereikt, kan de rechter bepalen dat de ondersteuning van de tenuitvoerlegging van de maatregel geschiedt door een reclasseringsinstelling als bedoeld in artikel 6:3:14.

  4. De termijn van de maatregel loopt niet gedurende de tijd dat aan de veroordeelde uit anderen hoofde rechtens zijn vrijheid is ontnomen en gedurende de tijd dat hij uit zodanige vrijheidsontneming ongeoorloofd afwezig is.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 15-05-2025 Historisch 04-02-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-10-2023 Historisch 01-03-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 09-11-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 07-05-2021 Historisch 01-05-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 19-12-2020 Historisch 25-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2020.

Tekst van deze versie

  1. De termijn van de maatregel betreffende het gedrag van de jeugdige gaat in nadat de rechterlijke uitspraak voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden.

  2. De instellingen of organisaties, bedoeld in het derde lid van artikel 77w, van het Wetboek van Strafrecht, stellen voor de uitvoering van het programma een plan vast dat is afgestemd op de problematiek van de veroordeelde.

  3. De gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, heeft tot taak de voorbereiding en de ondersteuning van de tenuitvoerlegging van de maatregel. Bij de tenuitvoerlegging van de maatregel stelt de gecertificeerde instelling de identiteit van de veroordeelde vast op de wijze, bedoeld in artikel 27a, eerste lid, eerste volzin, en tweede lid. Over de wijze waarop de veroordeelde de maatregel uitvoert, kan Onze Minister inlichtingen inwinnen bij de gecertificeerde instelling. Indien de jeugdige ten tijde van de tenuitvoerlegging van de maatregel de leeftijd van zestien jaren bereikt of heeft bereikt, kan de rechter bepalen dat de ondersteuning van de tenuitvoerlegging van de maatregel geschiedt door een reclasseringsinstelling als bedoeld in artikel 6:3:14.

  4. De termijn van de maatregel loopt niet gedurende de tijd dat aan de veroordeelde uit anderen hoofde rechtens zijn vrijheid is ontnomen en gedurende de tijd dat hij uit zodanige vrijheidsontneming ongeoorloofd afwezig is.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wetboek van Strafvordering