-
Indien bij een bevel als bedoeld in artikel 14a van het Wetboek van Strafrecht storting van een waarborgsom als bijzondere voorwaarde is gesteld, vinden de artikelen 6:1:1, 6:4:1, eerste lid en tweede lid, eerste zin, 6:4:3, vijfde lid, en 6:4:8 overeenkomstige toepassing.
-
Voor de storting wordt in geen geval een langere termijn gesteld dan drie maanden, te rekenen van de dag waarop het vonnis of het arrest voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden.
-
Teruggave van de waarborgsom geschiedt op aanwijzing van Onze Minister.
Inhoud
Artikel 6:4:21
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 01-01-2020.
Deze versie geldt vanaf 01-01-2020.
01-07-2026
Huidig
01-01-2026
Historisch
01-07-2025
Historisch
15-05-2025
Historisch
04-02-2025
Historisch
01-01-2025
Historisch
01-10-2024
Historisch
01-07-2024
Historisch
01-01-2024
Historisch
01-10-2023
Historisch
01-03-2023
Historisch
01-01-2023
Historisch
01-10-2022
Historisch
01-07-2022
Historisch
01-01-2022
Historisch
09-11-2021
Historisch
01-07-2021
Historisch
07-05-2021
Historisch
01-05-2021
Historisch
01-01-2021
Historisch
19-12-2020
Historisch
25-07-2020
Historisch
01-01-2020
Historisch
Tekst van deze versie
-
Indien bij een bevel als bedoeld in artikel 14a van het Wetboek van Strafrecht storting van een waarborgsom als bijzondere voorwaarde is gesteld, vinden de artikelen 6:1:1, 6:4:1, eerste lid en tweede lid, eerste zin, 6:4:3, vijfde lid, en 6:4:8 overeenkomstige toepassing.
-
Voor de storting wordt in geen geval een langere termijn gesteld dan drie maanden, te rekenen van de dag waarop het vonnis of het arrest voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden.
-
Teruggave van de waarborgsom geschiedt op aanwijzing van Onze Minister.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.