Wetboek van Strafvordering

Inhoud

Artikel 6:6:8

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-07-2021.
  1. De veroordeelde kan bij de rechtbank een met redenen omkleed bezwaarschrift indienen tegen:

    1. de beslissing om geen voorwaardelijke invrijheidstelling te verlenen;

    2. de beslissing om een beslissing over het verlenen van voorwaardelijke invrijheidstelling uit te stellen;

    3. de beslissing tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling.

  2. Het bezwaarschrift wordt ingediend binnen twee weken na de betekening van de kennisgeving, bedoeld in artikel 6:2:13 onderscheidenlijk artikel 6:2:13a, derde lid. Artikel 449, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

  3. In de gevallen, bedoeld in artikel 6:2:6, is tot kennisneming van het bezwaarschrift bevoegd de rechtbank die in eerste aanleg heeft geoordeeld ter zake van het feit waarvoor de langste onvoorwaardelijke vrijheidsstraf is opgelegd. Bij straffen van gelijke lengte zijn rechtbanken gelijkelijk bevoegd. In het geval van de tenuitvoerlegging van een buitenlandse rechterlijke beslissing is tot kennisneming van het bezwaarschrift bevoegd de rechtbank in het arrondissement waarin de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf een aanvang heeft genomen.

  4. De artikelen 21 tot en met 25 zijn van overeenkomstige toepassing. De behandeling van het bezwaarschrift door de raadkamer vindt plaats in het openbaar.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 15-05-2025 Historisch 04-02-2025 Historisch 01-01-2025 Historisch 01-10-2024 Historisch 01-07-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-10-2023 Historisch 01-03-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 01-07-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 09-11-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 07-05-2021 Historisch 01-05-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 19-12-2020 Historisch 25-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 01-01-2020

Tekst van deze versie

  1. IndienDe hetveroordeelde openbaarkan ministeriebij vande oordeel is dat er oprechtbank een van de gronden genoemd in artikel 6:2:12 reden is de voorwaardelijke invrijheidstelling met eenredenen bepaaldeomkleed termijnbezwaarschrift uitindienen te stellen of achterwege te laten, dient het onverwijld een daartoe strekkende schriftelijke vordering in.tegen:

    1. In de gevallen,beslissing bedoeldom ingeen artikelvoorwaardelijke 6:2:6invrijheidstelling iste tot kennisneming van de vordering bevoegd het gerecht dat in eerste aanleg heeft geoordeeld ter zake van het feit waarvoor de langste onvoorwaardelijke vrijheidsstraf is opgelegd. Bij straffen van gelijke lengte zijn rechtbanken gelijkelijk bevoegd.verlenen;
    2. Dede vordering,beslissing bedoeldom ineen beslissing over het eerste lid, dient uiterlijk dertig dagen vóór het tijdstipverlenen van voorwaardelijke invrijheidstelling uit te zijn ontvangen op de griffie van het gerecht. Het openbaar ministerie is in een later ingediende vordering ontvankelijk, indien het aannemelijk maakt dat een omstandigheid als bedoeld in het eerste lid, zich pas nadien heeft voorgedaan.stellen;
    3. Dede beslissing tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidstelling kan telkens opnieuw met een bepaalde termijn worden uitgesteld dan wel, nadat zij is uitgesteld, achterwege blijven. Het eerste tot en met derde lid zijn van overeenkomstige toepassing.invrijheidstelling.
  2. HangendeHet bezwaarschrift wordt ingediend binnen twee weken na de beslissingbetekening van het gerecht wordt de veroordeeldekennisgeving, nietbedoeld in vrijheidartikel gesteld.6:2:13 onderscheidenlijk artikel 6:2:13a, derde lid. Artikel 449, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
  3. In de gevallen, bedoeld in artikel 6:2:6, is tot kennisneming van het bezwaarschrift bevoegd de rechtbank die in eerste aanleg heeft geoordeeld ter zake van het feit waarvoor de langste onvoorwaardelijke vrijheidsstraf is opgelegd. Bij straffen van gelijke lengte zijn rechtbanken gelijkelijk bevoegd. In het geval van de tenuitvoerlegging van een buitenlandse rechterlijke beslissing is tot kennisneming van het bezwaarschrift bevoegd de rechtbank in het arrondissement waarin de tenuitvoerlegging van de vrijheidsstraf een aanvang heeft genomen.
  4. De artikelen 21 tot en met 25 zijn van overeenkomstige toepassing. De behandeling van het bezwaarschrift door de raadkamer vindt plaats in het openbaar.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wetboek van Strafvordering