-
In andere dan de in de Schengengrenscode geregelde gevallen, wordt toegang tot Nederland geweigerd aan de vreemdeling die:
niet in het bezit is van een geldig document voor grensoverschrijding, dan wel in het bezit is van een document voor grensoverschrijding waarin het benodigde visum ontbreekt;
een gevaar oplevert voor de openbare orde of nationale veiligheid;
niet beschikt over voldoende middelen om te voorzien zowel in de kosten van verblijf in Nederland als in die van zijn reis naar een plaats buiten Nederland waar zijn toegang gewaarborgd is, of
niet voldoet aan de voorwaarden die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur zijn gesteld.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de weigering van toegang op grond van deze wet of ter uitvoering van de Schengengrenscode.
-
Indien een vreemdeling aan de grens te kennen geeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 28 te willen indienen, wordt de aanvraag in de grensprocedure getoetst aan:
de grond voor het niet in behandeling nemen als bedoeld in artikel 30;
de gronden voor niet-ontvankelijkverklaring, genoemd in artikel 30a; en
de gronden voor afwijzing wegens kennelijke ongegrondheid, genoemd in artikel 30b.
-
Indien de grensprocedure wordt toegepast, wordt een besluit omtrent de weigering van toegang tot Nederland uitgesteld voor ten hoogste vier weken. Een reeds genomen besluit tot weigering van toegang tot Nederland vervalt met ingang van het tijdstip waarop de vreemdeling aan de grens te kennen geeft een aanvraag als bedoeld in het derde lid te willen indienen.
-
De vreemdeling wordt onverwijld in kennis gesteld van het uitstel van het besluit tot weigering van toegang tot Nederland.
-
Indien een aanvraag met toepassing van de grensprocedure niet in behandeling wordt genomen, niet-ontvankelijk wordt verklaard of wordt afgewezen als kennelijk ongegrond, wordt daarbij onmiddellijk de toegang tot Nederland geweigerd op grond van artikel 14 van de Schengengrenscode.
-
De duur van de grensprocedure bedraagt ten hoogste vier weken, te rekenen vanaf het tijdstip van de kennisgeving, bedoeld in het vijfde lid. Indien vier weken na de kennisgeving, bedoeld in het vijfde lid, nog niet is beslist over het in behandeling nemen, de ontvankelijkheid of kennelijke ongegrondheid van de aanvraag, verkrijgt de vreemdeling van rechtswege toegang tot Nederland.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de grensprocedure.
Inhoud
Artikel 3
Vergelijking met vorige versie
Tekst van deze versie
-
In andere dan de in de Schengengrenscode geregelde gevallen, wordt toegang tot Nederland geweigerd aan de vreemdeling die:
niet in het bezit is van een geldig document voor grensoverschrijding, dan wel in het bezit is van een document voor grensoverschrijding waarin het benodigde visum ontbreekt;
een gevaar oplevert voor de openbare orde of nationale veiligheid;
niet beschikt over voldoende middelen om te voorzien zowel in de kosten van verblijf in Nederland als in die van zijn reis naar een plaats buiten Nederland waar zijn toegang gewaarborgd is, of
niet voldoet aan de voorwaarden die bij of krachtens algemene maatregel van bestuur zijn gesteld.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de weigering van toegang op grond van deze wet of ter uitvoering van de Schengengrenscode.
-
Indien deeen vreemdeling, bedoeld in het eerste lid,vreemdeling aan de grens te kennen geeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 28 te willen indienen, wordt de aanvraag in de grensprocedure getoetst aan:
de grond voor het niet in behandeling nemen als bedoeld in artikel 30;
de gronden voor niet-ontvankelijkverklaring, genoemd in artikel 30a; en
de gronden voor afwijzing wegens kennelijke ongegrondheid, genoemd in artikel 30b.
- Indien de grensprocedure wordt toegepast, wordt een besluit omtrent de weigering van toegang tot Nederland uitgesteld of opgeschort voor ten hoogste vier weken. Een reeds genomen besluit tot weigering van toegang tot Nederland vervalt met ingang van het tijdstip waarop de vreemdeling aan de grens te kennen geeft een aanvraag als bedoeld in het derde lid te willen indienen.
- HetDe vreemdeling wordt onverwijld in kennis gesteld van het uitstel van het besluit tot uitstelweigering ofvan opschorting,toegang bedoeldtot in het vierde lid, wordt onverwijld uitgereikt aan de vreemdeling.Nederland.
- De beschikking waarbijIndien een aanvraag met toepassing van de grensprocedure niet in behandeling wordt genomen, niet-ontvankelijk wordt verklaard of wordt afgewezen als kennelijk ongegrond, geldtwordt tevensdaarbij alsonmiddellijk weigeringde toegang tot Nederland geweigerd op grond van toegangartikel in14 het eerste lid dan welvan de herleving hiervan.Schengengrenscode.
- De duur van de grensprocedure bedraagt ten hoogste vier weken, te rekenen vanaf het tijdstip van uitreikingde van het besluit,kennisgeving, bedoeld in het vijfde lid. Indien vier weken na de uitreiking van het besluit,kennisgeving, bedoeld in het vijfde lid, nog niet is beslist over het in behandeling nemen, de ontvankelijkheid of kennelijke ongegrondheid van de aanvraag, verkrijgt de vreemdeling van rechtswege toegang tot Nederland.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de grensprocedure.
Nog geen automatische verwijzingen.