-
Artikel 10 van de Algemene wet op het binnentreden is van overeenkomstige toepassing op de bevoegdheid tot doorzoeking.
-
In aanvulling op artikel 10 van de Algemene wet op het binnentreden vermeldt de ambtenaar die de doorzoeking, bedoeld in artikel 53a, eerste en tweede lid, heeft verricht, in het schriftelijk verslag op welke gronden werd aangenomen dat deze redelijkerwijs noodzakelijk was voor de tijdelijke inbewaringneming van de zaken, bedoeld in artikel 53a, eerste en tweede lid.
-
Het verslag wordt toegezonden aan de officier van justitie.
Inhoud
Artikel 53b
HISTORISCH
Je bekijkt een oudere officiële versie van 01-05-2018.
Deze versie geldt vanaf 01-05-2018.
12-06-2026
Huidig
28-02-2026
Historisch
01-01-2026
Historisch
09-07-2025
Historisch
01-07-2025
Historisch
15-04-2025
Historisch
28-03-2025
Historisch
25-07-2024
Historisch
01-01-2024
Historisch
29-11-2023
Historisch
01-10-2023
Historisch
01-10-2022
Historisch
01-01-2022
Historisch
01-07-2021
Historisch
20-02-2021
Historisch
25-05-2018
Historisch
01-05-2018
Historisch
16-12-2017
Historisch
01-10-2017
Historisch
01-07-2017
Historisch
01-01-2017
Historisch
20-07-2015
Historisch
01-01-2015
Historisch
01-11-2014
Historisch
01-04-2014
Historisch
29-03-2014
Historisch
22-03-2014
Historisch
01-03-2014
Historisch
Tekst van deze versie
-
Artikel 10 van de Algemene wet op het binnentreden is van overeenkomstige toepassing op de bevoegdheid tot doorzoeking.
-
In aanvulling op artikel 10 van de Algemene wet op het binnentreden vermeldt de ambtenaar die de doorzoeking, bedoeld in artikel 53a, eerste en tweede lid, heeft verricht, in het schriftelijk verslag op welke gronden werd aangenomen dat deze redelijkerwijs noodzakelijk was voor de tijdelijke inbewaringneming van de zaken, bedoeld in artikel 53a, eerste en tweede lid.
-
Het verslag wordt toegezonden aan de officier van justitie.
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.