Regeling wapens en munitie

Inhoud

Artikel 18b

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-08-2025.
Deze versie geldt vanaf 01-08-2025.
  1. Van het verbod van artikel 13, eerste lid, artikel 14, eerste lid, artikel 22, eerste lid, en artikel 26, eerste en vijfde lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend aan bewakingspersoneel van geldtransporten als bedoeld in artikel 1, onder i, van de Verordening (EU) Nr. 1214/2011 van de Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende professioneel grensoverschrijdend transport van eurocontanten over de weg tussen lidstaten van de eurozone (PbEU 2011, L316) voor het doen binnenkomen en doen uitgaan, het vervoeren en het voorhanden hebben van wapens van categorie I, II, III en IV en de bijbehorende munitie tijdens grensoverschrijdend transport van eurocontanten over de weg als bedoeld in artikel 1, onder b, van de genoemde verordening, voor zover het recht van de lidstaat van herkomst, bedoeld in artikel 1, onder e, van de verordening, de lidstaat van doorvoer, bedoeld in artikel 1, onder g, van de verordening, of de lidstaat van ontvangst, bedoeld in artikel 1, onder f, van de verordening, toestaat of verplicht dat genoemd bewakingspersoneel wapens draagt.

  2. De vrijstelling van het eerste lid geldt slechts, voor zover:

    1. de wapens bij betreding van Nederlands grondgebied aan boord van het geldtransportvoertuig, bedoeld in artikel 1, onder j, van de verordening, worden opgeborgen in een brandkast voor wapens die voldoet aan de norm, genoemd in artikel 6, tweede lid, van de verordening en;

    2. de wapens gedurende het gehele transport op Nederlands grondgebied ontoegankelijk blijven voor het bewakingspersoneel, bedoeld in het eerste lid.

01-08-2025 Huidig 01-07-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 23-09-2022 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 23-09-2022.

Tekst van deze versie

  1. Van het verbod van artikel 13, eerste lid, artikel 14, eerste lid, artikel 22, eerste lid, en artikel 26, eerste en vijfde lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend aan bewakingspersoneel van geldtransporten als bedoeld in artikel 1, onder i, van de Verordening (EU) Nr. 1214/2011 van de Europees Parlement en de Raad van 16 november 2011 betreffende professioneel grensoverschrijdend transport van eurocontanten over de weg tussen lidstaten van de eurozone (PbEU 2011, L316) voor het doen binnenkomen en doen uitgaan, het vervoeren en het voorhanden hebben van wapens van categorie I, II, III en IV en de bijbehorende munitie tijdens grensoverschrijdend transport van eurocontanten over de weg als bedoeld in artikel 1, onder b, van de genoemde verordening, voor zover het recht van de lidstaat van herkomst, bedoeld in artikel 1, onder e, van de verordening, de lidstaat van doorvoer, bedoeld in artikel 1, onder g, van de verordening, of de lidstaat van ontvangst, bedoeld in artikel 1, onder f, van de verordening, toestaat of verplicht dat genoemd bewakingspersoneel wapens draagt.

  2. De vrijstelling van het eerste lid geldt slechts, voor zover:

    1. de wapens bij betreding van Nederlands grondgebied aan boord van het geldtransportvoertuig, bedoeld in artikel 1, onder j, van de verordening, worden opgeborgen in een brandkast voor wapens die voldoet aan de norm, genoemd in artikel 6, tweede lid, van de verordening en;

    2. de wapens gedurende het gehele transport op Nederlands grondgebied ontoegankelijk blijven voor het bewakingspersoneel, bedoeld in het eerste lid.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Regeling wapens en munitie