Regeling wapens en munitie Actueel

Inhoud

14

Vrijstelling voor schepen en luchtvaartuigen

Artikel 33

Van het verbod van artikel 14, eerste lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend voor het aan boord van een schip dat op grond van voor Nederland geldende rechtsregels gerechtigd is de vlag van het Koninkrijk te voeren of luchtvaartuig tijdelijk doen uitgaan en binnenkomen van wapens van categorie III en de bijbehorende munitie die behoren tot de uitrusting van dat schip of luchtvaartuig en die krachtens een verlof aan boord voorhanden gehouden mogen worden.

Artikel 34

  1. Van het verbod van artikel 14, eerste lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend voor doen binnenkomen en tijdelijk doen uitgaan van wapens en munitie die behoren tot de uitrusting van een buitenlands schip dan wel tot de persoonlijke bezittingen van de gezagvoerder of de andere bemanningsleden.

  2. De vrijstelling ingevolge het eerste lid geldt slechts voor:

    1. wapens en munitie die aan boord van het schip blijven en die onder douaneverzegeling worden gehouden en die schriftelijk bij de douane zijn gemeld; en

    2. wapens van categorie III en de bijbehorende munitie die aan boord van het schip blijven en die buiten douaneverzegeling worden gelaten, voor zover zulks noodzakelijk is voor de beveiliging van het schip, de opvarenden of de lading, dan wel voor de handhaving van de orde aan boord van het schip.

Artikel 38a

De in de artikelen 34, tweede lid, onderdeel a, en 40, derde lid, genoemde melding omvat een omschrijving van de goederen alsmede de vermelding van:

  1. de hoeveelheid goederen;

  2. de bestemming en, indien deze afwijkend is, de eindbestemming van de goederen;

  3. het vervoermiddel waarin de goederen zich bevinden;

  4. de voorziene plaats van uitgaan uit Nederland en

  5. de naam van degene die de aangifte of kennisgeving doet en, indien dat een ander is dan degene die het beschikkingsrecht heeft over de goederen, de naam van laatstbedoelde persoon.

← terug naar Regeling wapens en munitie