Regeling wapens en munitie

Inhoud

Artikel 3a

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-08-2025.
Deze versie geldt vanaf 01-08-2025.
  1. Het bepaalde in artikel 13, eerste lid, 14, eerste lid, 22, eerste lid, 26, eerste lid, 27, eerste lid, 32a, eerste lid, en 32b, eerste lid, van de wet is niet van toepassing op de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2 van de Politiewet 2012, voor zover hun het voorschrift is gegeven om tijdens de dienstuitoefening bewapend te zijn met bij of krachtens het Besluit bewapening en uitrusting politie aangewezen wapens of munitie.

  2. Het bepaalde in artikel 9, eerste lid, 13, eerste lid, artikel 14, eerste lid, 22, eerste lid, 26, eerste lid, 32a, eerste lid, en 32b, eerste lid, van de wet is niet van toepassing op:

    1. de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2, onder b, van de Politiewet 2012, die belast zijn met het onderwijs, de verwerving, het vervoer of het onderhoud van wapens en munitie voor zover de in die artikelleden genoemde handelingen geschiedt uit hoofde van de dienstuitoefening;

    2. personen die werkzaam zijn bij het Landelijk selectie- en opleidingsinstituut politie, Politie onderwijs- en kenniscentrum, bedoeld in artikel 2 van de Wet op het LSOP en het politieonderwijs, voor zover de in die artikelleden genoemde handelingen geschiedt uit hoofde van de dienstuitoefening.

01-08-2025 Huidig 01-07-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 23-09-2022 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 23-09-2022.

Tekst van deze versie

  1. Het bepaalde in artikel 13, eerste lid, 14, eerste lid, 22, eerste lid, 26, eerste lid, 27, eerste lid, 32a, eerste lid, en 32b, eerste lid, van de wet is niet van toepassing op de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2 van de Politiewet 2012, voor zover hun het voorschrift is gegeven om tijdens de dienstuitoefening bewapend te zijn met bij of krachtens het Besluit bewapening en uitrusting politie aangewezen wapens of munitie.

  2. Het bepaalde in artikel 9, eerste lid, 13, eerste lid, artikel 14, eerste lid, 22, eerste lid, 26, eerste lid, 32a, eerste lid, en 32b, eerste lid, van de wet is niet van toepassing op:

    1. de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 2, onder b, van de Politiewet 2012, die belast zijn met het onderwijs, de verwerving, het vervoer of het onderhoud van wapens en munitie voor zover de in die artikelleden genoemde handelingen geschiedt uit hoofde van de dienstuitoefening;

    2. personen die werkzaam zijn bij het Landelijk selectie- en opleidingsinstituut politie, Politie onderwijs- en kenniscentrum, bedoeld in artikel 2 van de Wet op het LSOP en het politieonderwijs, voor zover de in die artikelleden genoemde handelingen geschiedt uit hoofde van de dienstuitoefening.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Regeling wapens en munitie