Wet basisregistratie personen Actueel

Inhoud

§ 1

De verstrekking door Onze Minister

Artikel 3.1

  1. Deze paragraaf is van toepassing op de systematische verstrekking van gegevens uit de basisregistratie.

  2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt geregeld welke verstrekkingen systematische verstrekkingen zijn en worden nadere regels gesteld over deze verstrekkingen.

Artikel 3.2

  1. Onze Minister verstrekt gegevens aan een overheidsorgaan, voor zover dit is bepaald in een besluit van Onze Minister.

  2. Onze Minister neemt het besluit op verzoek van het overheidsorgaan. Het verzoek bevat de gronden voor de verstrekking en de gegevens waarop het verzoek betrekking heeft.

  3. Bij de bepaling van de gegevens die worden verstrekt, worden de gegevens opgenomen die in het verzoek zijn vermeld voor zover het overheidsorgaan aantoont dat deze gegevens noodzakelijk zijn voor de goede vervulling van zijn taak.

  4. Bij het besluit wordt in ieder geval bepaald over welke categorieën van personen gegevens worden verstrekt, welke gegevens het betreft en in welke gevallen gegevens worden verstrekt.

  5. Aan het besluit kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden in het belang van een zorgvuldige en doelmatige gegevensverstrekking.

  6. Onze Minister maakt het besluit bekend in de Staatscourant.

  7. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld omtrent de indiening van het verzoek en de bekendmaking van het besluit.

  8. Onze Minister kan een besluit als bedoeld in het eerste lid weigeren te nemen of het besluit intrekken, indien de gevraagde gegevensverstrekking zodanig is dat verstrekking op grond van paragraaf 2 aangewezen is.

  9. Indien een overheidsorgaan verschillende taken uitoefent waarvoor gegevens worden gevraagd, kan Onze Minister bij het besluit de verschillende taken in aanmerking nemen.

Artikel 3.3

  1. Bij algemene maatregel van bestuur worden door derden verrichte werkzaamheden met een gewichtig maatschappelijk belang aangewezen, ten behoeve waarvan gegevens uit de basisregistratie kunnen worden verstrekt. De maatregel bepaalt tevens de categorieën van derden die voor de verstrekking in aanmerking komen en bepaalt of artikel 3.21 op de verstrekking van toepassing is. De maatregel kan beperkingen bevatten ten aanzien van de gegevens die kunnen worden verstrekt.

  2. Bij de maatregel worden slechts werkzaamheden aangewezen die samenhangen met een overheidstaak, strekken tot het in stand houden van een voorziening voor burgers die onderwerp is van overheidszorg, of waarbij anderszins gelet op de overheidsbemoeienis met die werkzaamheden, ondersteuning daarvan door gegevensverstrekking uit de basisregistratie gerechtvaardigd is.

  3. Artikel 3.2 is van overeenkomstige toepassing.

  4. De voordracht voor een krachtens het eerste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

← terug naar Wet basisregistratie personen