Wegenverkeerswet 1994

Inhoud

Artikel 115

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-07-2026.
Deze versie geldt vanaf 01-07-2026.
  1. Degene die is belast met de afgifte van rijbewijzen, en die in het kader van de aanvraag of de uitreiking van een nieuw rijbewijs of een vervangend rijbewijs de beschikking krijgt over een rijbewijs waarvan ingevolge een der artikelen 130, tweede lid, of 164 de overgifte is gevorderd, waarvan ingevolge de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften de inlevering is gevorderd of ten aanzien waarvan ingevolge een der artikelen 119, vierde lid, 120, derde lid, 123b, vierde lid, 124, vierde lid, 131, tweede lid, onderdeel b, 132, vijfde lid, 134, vierde lid, of 180, vierde lid, van deze wet een verplichting tot inlevering bestaat, is bevoegd dat rijbewijs in te nemen en het door te begeleiden naar het betrokken parket van het openbaar ministerie dan wel naar degene bij wie de houder dat rijbewijs had dienen in te leveren.

  2. Degene die is belast met de afgifte van rijbewijzen, en die in het kader van de aanvraag of de uitreiking van een nieuw rijbewijs of een vervangend rijbewijs de beschikking krijgt over een rijbewijs dat zijn geldigheid heeft verloren ingevolge artikel 123, eerste lid, aanhef en onderdeel d, of artikel 123b is bevoegd dat rijbewijs in te nemen en door te geleiden naar degene bij wie de houder dat rijbewijs had dienen in te leveren.

  3. Voor de toepassing van het eerste en het tweede lid wordt onder een rijbewijs mede verstaan een rijbewijs, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, waarvan de houder in Nederland woonachtig is.

  4. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden vastgesteld ter uitvoering van het eerste en het tweede lid.

01-07-2026 Huidig 01-01-2026 Historisch 01-01-2025 Historisch 19-06-2024 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-07-2023 Historisch 01-06-2023 Historisch 19-04-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-10-2022 Historisch 20-05-2022 Historisch 19-10-2021 Historisch 01-10-2021 Historisch 01-08-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 30-06-2021 Historisch 24-04-2021 Historisch 01-01-2021 Historisch 01-12-2020 Historisch 01-10-2020 Historisch 01-09-2020 Historisch 15-07-2020 Historisch 01-07-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 24-04-2021.

Tekst van deze versie

  1. Degene die is belast met de afgifte van rijbewijzen, en die in het kader van de aanvraag of de uitreiking van een nieuw rijbewijs of een vervangend rijbewijs de beschikking krijgt over een rijbewijs waarvan ingevolge een der artikelen 130, tweede lid, of 164 de overgifte is gevorderd, waarvan ingevolge de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften de inlevering is gevorderd of ten aanzien waarvan ingevolge een der artikelen 119, vierde lid, 120, derde lid, 123b, vierde lid, 124, vierde lid, 131, tweede lid, onderdeel b, 132, vijfde lid, 134, vierde lid, of 180, vierde lid, van deze wet een verplichting tot inlevering bestaat, is bevoegd dat rijbewijs in te nemen en het door te begeleiden naar het betrokken parket van het openbaar ministerie dan wel naar degene bij wie de houder dat rijbewijs had dienen in te leveren.

  2. Degene die is belast met de afgifte van rijbewijzen, en die in het kader van de aanvraag of de uitreiking van een nieuw rijbewijs of een vervangend rijbewijs de beschikking krijgt over een rijbewijs dat zijn geldigheid heeft verloren ingevolge artikel 123, eerste lid, aanhef en onderdeel d, of artikel 123b is bevoegd dat rijbewijs in te nemen en door te geleiden naar degene bij wie de houder dat rijbewijs had dienen in te leveren.

  3. Voor de toepassing van het eerste en het tweede lid wordt onder een rijbewijs mede verstaan een rijbewijs, afgegeven door het daartoe bevoegde gezag in een andere lidstaat van de Europese Unie of in een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte of Zwitserland, waarvan de houder in Nederland woonachtig is.

  4. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden vastgesteld ter uitvoering van het eerste en het tweede lid.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wegenverkeerswet 1994